Banner

Taxi Driver

10.0
Dennis Van Dessel - 18 juli 2004

Het is eigenaardig dat als je naar het lijstje van klassieke films kijkt, je maar weinig films zult aantreffen die bij hun aanvankelijke release een wijd verspreide waardering kregen. 'The Godfather' en 'Casablanca' zijn bijvoorbeeld uitzonderingen die vanaf het begin een groot publiek aanspraken en dat nu nog steeds doen, maar de meeste films waar tegenwoordig veel waarde aan worden gehecht, werden in hun eigen tijd verkeerd begrepen, afgekraakt door de critici of genegeerd door het publiek. Kijk maar naar 'Citizen Kane'. De helft van de films van Kubrick. Je hoeft zelfs die zware films niet op te zoeken - een luchtige Hollywoodklassieker als 'The Wizard Of Oz' was een commerciële flop toen hij uitkwam. Misschien heeft het er wel wat mee te maken dat ware kwaliteit enige tijd nodig heeft om herkend te worden. Of dat complexe films, films zonder een eenduidige betekenis die direct begrijpelijk is voor iedereen in het publiek, verscheidene visies nodig hebben om echt onder de huid te kunnen kruipen.

Dat laatste lijkt mij het geval te zijn voor 'Taxi Driver' - destijds was zeker de Amerikaanse pers niet unaniem lovend over die film en hoewel het tegenwoordig een klassieker is geworden, waren er veel mensen die 'm ziekelijk noemden, of zelfs pornografisch. 'Taxi Driver' kreeg beschuldigingen van racisme, mysogenie en in de eerste plaats doodeenvoudige wansmaak voor de voeten geworpen. Zoals wel meer klassiekers.

Een belangrijke reden daarvoor is dat Scorsese met 'Taxi Driver' een volstrekt subjectieve film maakte - àlles wordt gezien door de ogen van Travis Bickle (Robert De Niro), een Vietnamveteraan die tegenwoordig een terminaal eenzaam leven leidt als taxichauffeur in New York. Hij heeft niemand, zit heelder alleen in zijn luizig flatje en houdt een dagboek bij waarin hij zijn walging over de hele wereld uitkotst. 's Nachts rijdt hij rond met z'n taxi, schijnbaar enkel om argumenten te verzamelen voor de afkeer die hij voelt voor alles en iedereen. Travis is wellicht één van de meest onaangename hoofdpersonages uit de filmgeschiedenis, het soort man waar je in het echte leven niets mee te maken zou willen hebben, maar Scorsese dwingt ons wel in zijn standpunt - we bekijken de wereld door zijn ogen. En die ogen zijn gevuld met haat. Het is dat subjectieve vertelstandpunt dat ertoe geleid heeft dat mensen de film 'Taxi Driver' als even hatelijk zijn gaan beschouwen als het hoofdpersonage. Maar dat zou een denkfout zijn.

Een groot probleem bij het interpreteren van de film, is dat Travis Bickle een vat vol tegenstrijdigheden is. De manier waarop hij New York en de mensen erin beschrijft in zijn dagboek, als "vuiligheid dat van de straten afgewassen moet worden door een zondvloed", suggereert een soort van idealisme in z'n karakter. Alsof hij iemand is die op zoek is naar zuiverheid, naar een weg uit de vuiligheid. En inderdaad, over de loop van de film zien we hem pogingen ondernemen om dat te doen, om zich een weg uit z'n eigen eenzaamheid te vechten en de wereld op z'n eigen manier een betere plek te maken: eerst probeert hij een relatie aan te knopen met Betsy (Cybill Shepherd), een archetypisch all-American meisje met blond haar en blauwe ogen. Wanneer dat mislukt, onderneemt hij pogingen om een kindhoertje, Iris (Jodie Foster op haar veertiende), uit het prostitutiemilieu te halen. Alsof hij de laatste idealist, de laatste zuivere ziel in een stad van corruptie is.

Maar diametraal daartegenover staat dan de manier waarop Travis zichzelf systematisch kapotmaakt: hij vreet junkfood, drinkt teveel (let erop hoe hij continu sterke drank in z'n koffie giet), hij slikt pillen... Wanneer hij Betsy zover krijgt met hem uit te gaan, saboteert hij zichzelf door haar mee te nemen naar een pornofilm. En de enige manier waarop hij Iris uit haar situatie weet te redden, is door zijn toevlucht te nemen in vreselijk geweld. Op die manier wordt Travis iemand die zichzelf, al dan niet bewust, eenzaam houdt, die zichzelf steeds opnieuw in de positie dwingt van outsider in de maatschappij. Hij zoekt naar een manier om contact te leggen, om zichzelf uit z'n eenzaamheid te halen en van de wereld een betere plek te maken zoals hij zich dat voorstelt - maar hij werkt zichzelf ook de hele tijd tegen. Dat alles maakt van Travis een uitzonderlijk complex - en onaantrekkelijk - personage, en van de film een prent die niet vast te pinnen is op één bepaalde betekenis. Het is onmogelijk om 'Taxi Driver' samen te vatten in enkele woorden, om te zeggen: "dààr gaat het over."

Vooral ook niet omdat er nergens een rechtstreekse aanleiding wordt gegeven voor Travis' gedrag - een voor de hand liggende uitleg zou zijn verleden in Vietnam zijn, maar daar wordt nergens dieper op ingegaan. Veel mensen die de film maar éénmaal gezien hebben, herinneren zich achteraf niet eens dat Travis in de oorlog is geweest, zo weinig aandacht wordt eraan besteed. Het is waarschijnlijker dat scenarist Paul Schrader Travis heeft ontworpen als typisch resultaat van grootsteeds Amerika van die tijd - Vietnam, Nixon, de Pentagon Papers, stijgende criminaliteit, raciale spanningen... De eerste helft van de jaren zeventig waren nu niet wat je noemt een vrolijke tijd voor de VS, zeker niet in grote, onpersoonlijke steden als New York. En mensen als Travis Bickle zijn dan het resultaat, veronderstel ik.

Wat dat betreft liet Paul Schrader zich duidelijk inspireren door twee bronnen: Dostojevski's 'Aantekeningen uit het Ondergrondse' en (hoewel dit mijlenver van dat boek afligt) John Fords western 'The Searchers'. In het boek van Dostojevski kregen we eveneens een eenzame anti-held die in zijn dagboeken fatalistisch commentaar geeft op de samenleving en vooral zichzelf, wat voor een belezen, intellectueel man als Schrader ongetwijfeld thematische inspiratie moet hebben geboden. En in 'The Searchers' vinden we het thema van de zoektocht naar de gekidnapte onschuld terug - John Wayne die zijn door indianen ontvoerde nichtje gaat zoeken, enkel om te ontdekken dat ze niet gered wil worden. Gaandeweg is Wayne zelf méér een wilde geworden dan eender welke indiaan. De link met de plot van 'Taxi Driver' kon niet duidelijker zijn - en dan is er nog het feit dat Scorsese een grote fan is van die film.

Scorsese, hier nog steeds aan het begin van z'n carrière, regisseert de film op een waanzinnig vindingrijke manier - zonder ooit ergens pocherig uit de hoek te komen, laat hij de camera regelmatig vreemde dingen doen, zoals in een scène waarin Travis aan de telefoon staat te praten, simpelweg naar rechts wegpannen, zodat we enkel een lege gang te zien krijgen. Het telefoontje in kwestie is een vernederende ervaring voor Travis, en de camera lijkt haast beschaamd om het moment te registreren. Dàt is een subjectieve film, en 'Taxi Driver' wemelt van dat soort van momentjes: de slow motion introductie van Betsy. De manier waarop de taxigarage getoond wordt voordat we terugkeren naar Travis in dezelfde camerabeweging. Een lang shot van een bruistablet dat smelt in een glas water. Scorsese legt continu vreemde accenten, maar dit is dan ook een vreemd personage. Het eindresultaat is een gevoel van eenzaamheid en wanhoop dat in maar weinig andere films geëvenaard wordt.

De combinatie Scorsese-Schrader-De Niro heeft wellicht nooit een betere film opgebracht als deze (inclusief 'Raging Bull'). De Niro doet hier wat hij tegenwoordig haast nooit meer doet, en verliest zichzelf helemaal in z'n personage, een zwijgzame man die teveel voelt en niet weet wat hij met z'n emoties en rondrammelende gedachten aanmoet. 'Taxi Driver' is grote cinema, één van die films waarin enorm getalenteerde mensen op het hoogtepunt van hun vermogens samenkwamen en iets onvergetelijks hebben gepresteerd.

E-mailadres Afdrukken
 
Taxi Driver
USA / 1976
Regie: Martin Scorsese
Scenario: Paul Schrader
Met: Robert De Niro; Cybill Shepherd; Jodie Foster; Harvey Keitel; Peter Boyle; Albert Brooks
Duur: 113 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST