Banner

The Trouble With Harry

7.0
Dennis Van Dessel - 12 september 2008

Er wordt niet zo vaak geschreven over de humor in de films van Hitchcock - waarschijnlijk omdat ze meestal verborgen ging onder een dikke laag suspense die onze aandacht afleidde en ons er zelfs van wist te overtuigen dat alles wat we zagen ernstig bedoeld was. Niet zo, natuurlijk. Een film als 'Rebecca' is hilarisch grappig, met personages die bewust over de top gaan en dialogen die zo theatraal zijn dat ze bijna in het rijk van de parodie terechtkomen. Maar als goede Engelsman hield Hitchcock een stiff upper lip en er waren maar weinig mensen die de humor echt doorhadden. In 'The Trouble With Harry' liet Hitchcock zijn grappige kant voor het eerst volop naar boven komen in een sardonische zwarte komedie die doelbewust verschillende taboes omver haalde (lachen met lijken, lachen met het kerngezin, lachen met seks, olé olé). Het gevolg: in de VS kwam er geen hond naar kijken en het duurde jaren voordat de prent geherwaardeerd werd als een onderschat pareltje uit het oeuvre van de master of suspense.

Het verhaal draait rond Harry. Harry is dood. Aan het begin van de film zien we zijn lijk liggen in een park in Vermont, waar het wordt ontdekt door Albert Wiles (Edmund Gwenn), een oude kapitein op rust die in het park aan het jagen was. Wiles is er van overtuigd dat hij Harry per ongeluk heeft neergeschoten en besluit het lijk te begraven. Voor hij daarin slaagt, wordt hij echter gezien door de oude vrijster Ivy Gravely (Mildred Natwick). Verre van gechoqueerd te zijn door Wiles te zien zeulen met een lijk, vraagt ze de kapitein op de thee. Ook andere mensen lijken er niet echt wakker van de liggen dat Harry het tijdelijke voor het eeuwige heeft ingewisseld. Zijn weduwe (Shirley MacLaine in haar debuutrol) is tevreden zo lang hij maar weer niet tot leven komt en plaatselijk kunstenaar Sam Marlowe (John Forsythe) vindt het hele scenario best wel fascinerend en hannest dan ook de hele film lang vrolijk met het lijk mee.

Wat waarschijnlijk meteen verklaart waarom 'The Trouble With Harry' aanvankelijk niet populair was in de VS. Hitchcock heeft een erg droog, morbide gevoel voor humor: verschillende personages denken dat ze verantwoordelijk zijn voor de dood van Harry (niet dat ze er spijt van zouden hebben), met als gevolg dat zijn lichaam begraven wordt, weer opgegraven en zo voort. Niemand van de cast stelt zich vragen bij wat ze aan het doen zijn, maar behandelen het lijk simpelweg als een probleem dat uit de weg geruimd moet worden, zo praktisch en rationeel mogelijk. Denk maar aan een vroege scène, waarin Miss Gravely de kapitein ontdekt terwijl hij het lijk verplaatst. "What seems to be the problem?," vraagt ze, terwijl ze doodgemoedereerd over het lichaam heenstapt om de kapitein verliefd in de ogen te kijken. Later krijgen we heerlijke one-liners zoals: "Thank you for burying my body," en: "Hij ziet er dood exact hetzelfde uit als levend... maar dan horizontaal."

In het Amerika van de jaren vijftig was dat soort humor risquée tot op het schandelijke af. Lachen met de dood, oneerbiedig zijn tegenover de overledenen, dat deed je gewoon niet. De jaren vijftig waren de tijd van de onschuld in de VS, waarin het gezin de hoeksteen van de samenleving was en het hele leven binnen de structuur van de gangbare moraliteit diende te passen. Om maar iets te noemen: van de filmkeuring van toen was het niet toegestaan om een man en vrouw te tonen die samen in bed lagen, ook niet als ze getrouwd waren. Eén van beide partners moest een voet op de grond houden. En in een milieu waarin dat soort regels van kracht waren, bracht Hitchcock dan een zwarte komedie waarin continu met een lijk wordt gesjouwd en niets met respect wordt behandeld - de dood niet, maar ook de normale seksuele mores.

'The Trouble With Harry' zit immers vol met seksuele suggestie - de regisseur speelt hier een spelletje met de filmcensors om te weten te komen hoe ver hij kan gaan. Sam Marlowe papt aan met Jennifer (MacLaine) nog voor haar man goed en wel koud is, maar zij lijkt daar niet bepaald bezwaren tegen te hebben. Tegen het einde van de film heeft Marlowe één grote wens: een dubbel bed. "Ja," zegt Jennifer, "dat lijkt me heel praktisch." Veel grappiger is echter een discussie die Marlowe heeft met kapitein Wiles over oude vrijster Gravely: "Je beseft toch dat je waarschijnlijk de eerste bent die 'over haar drempel treedt'?" "Ach ja," reageert Wiles, "ze is goed geconserveerd, en ooit moet je conserven openen." In 'The Trouble With Harry' neemt Hitchcock de grote onderwerpen die mensen normaal gezien bloedserieus opnemen - seks, de dood, relaties - en hij ridiculiseert ze. In Engeland en Europa kon die aanpak op bijval rekenen, in de VS veel minder.

Niet dat 'The Trouble Wth Harry' een perfecte film is. De openingsscènes lijken wat al te geforceerd, met Edmund Gwenn die door het park in zichzelf loopt te praten om het publiek de nodige achtergrondinformatie mee te geven: "Goh, ik ben al een hele dag aan het jagen en ik hoop dat ik een konijntje vind," zie je zo'n man dan op z'n eentje zeggen. Bovendien is het absoluut noodzakelijk om de film in z'n tijdskader te zien - je moet beseffen hoe weinig er mogelijk was binnen de grenzen van de filmcensuur, om te begrijpen waar Hitchcock allemaal mee weg raakt. Naar de normen van 2008 bevat 'The Trouble With Harry' natuurlijk helemaal niets schokkends of schandaligs (of je moest echt al een heel erge pilaarbijter zijn), maar voor 1955 was dit op het randje. De ideale film veroudert natuurlijk niet op die manier, maar zo lang je je kunt inleven in het tijdvak waar hij uit komt, werkt 'The Trouble With Harry' wonderwel.

Technisch gezien toont de regisseur hier een grote neiging naar het theatrale. Hij filmt in Technicolor, een toen gangbaar kleurenprocédé waarbij felle primaire kleuren voortdurend sterk uit naar voren komen. Het verhaal speelt zich af tegen de achtergrond van Vermont in de herfst, en geen blaadje of het is agressief goud- of roodgekleurd, geen sprietje gras of het is lichtjes radioactief-groen. Je merkt voortdurend dat de acteurs op een geconstrueerde set staan, maar dat was waarschijnlijk ook Hitchcocks bedoeling - alles hier is in meer of mindere gestileerd, hij creëert zijn eigen wereldje waarin de regels van leven, liefde en dood voor komische doeleinden verwrongen worden. Het lijkt op de werkelijkheid, maar dat is het niet.

'The Trouble With Harry' vereist dus wel een zekere bereidwilligheid van de kijker om zich over bepaalde dingen heen te zetten - het is een oude film, hij is zeker niet altijd even naturalistisch en bepaalde dingen die destijds scandaleus waren, zijn nu een beetje oubollig. Maar, niet onbelangrijk voor een komedie, hij is wel nog steeds zeer grappig, met een oneerbiedig toontje dat tegenwoordig wellicht nog beter zal aanslaan dan destijds.

E-mailadres Afdrukken
 
The Trouble With Harry
USA / 1955
Regie: Alfred Hitchcock
Scenario: John Michael Hayes
Met: John Forsythe; Edmund Gwenn; Shirley MacLaine; Mildred Natwick
Duur: 99 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST