Banner

The Year My Parents Went On Vacation

6.0
Barbara Van Ransbeeck - 11 april 2008





104 min. / Brazilië / 2006

Neem gerust de proef op de som, maar bij een associatiespelletje met het woord 'Brazilië' is (buiten de godendrank caipiriña misschien) gegarandeerd het eerste dat in uw bolleboos opkomt, 'voetbal'. Nergens ter wereld is voetbal zo'n allesoverheersend volksfestijn als in den Brazil. Tijdens de wereldbeker ligt heel het land op zijn gat, omdat iedereen op straat in het geel en groen met zijn poep staat te schudden of in trance voor de televisie zit te supporteren voor de mooiste voetbalkunstjes van gans de planeet: de Brazilianen die met hun sierlijke speelstijl al sambadansend naar de goal flaneren. 'The Year My Parents Went On Vacation' is doorweekt van voetbal, enerzijds als een belangrijk stukje Braziliaans erfgoed en anderzijds als een houvast in het leven van het hoofdpersonage. Een spel dat hier duidelijk meer betekent dan zomaar wat tegen een bal schoppen.

Het jaar dat Mauro's ouders op vakantie gingen is het jaar 1970. Niet toevallig het jaar waarin Brazilië voor de derde keer de wereldbeker voetbal won. Maar het is ook de periode waarin het land gebukt gaat onder een strenge dictatuur en protest overal hardhandig de kop wordt ingedrukt. Mauro's linksvoetige ouders slaan op een dag halsoverkop op de vlucht en zetten Mauro af bij zijn grootvader in de Joodse buurt van São Paolo, Born Retiro. Ze beloven hem dat ze zeker van 'vakantie' zullen terug zijn tegen dat de wereldbeker van start gaat. Alleen komt Mauro voor een gesloten deur te staan: de oude man blijkt net vóór zijn komst overleden aan een hartaanval. De buurman van zijn grootvader, Schlomo, ontfermt zich aarzelend over hem, maar Mauro is toch vooral op zichzelf aangewezen om al wachtend op de terugkeer van zijn ouders de tijd te doden.

Mauro komt van de ene dag op de andere helemaal alleen te staan en probeert stilletjes zijn weg te vinden in een wereld die hij niet kent: die van het jodendom. Het Jiddisch, de Joodse naam die men hem geeft, de traditionele gebruiken...hij vindt er zijn draai niet in en bovendien wordt hij ook niet als één van hen beschouwd, want hij is niet besneden. Mauro is een misfit, een jongetje dat in een volledig nieuwe omgeving belandt en zich probeert vast te houden aan het enige vertrouwde dat hem nog rest: voetbal. Hij vult zijn dagen met vingervoetbal, een spelletje waarbij hij met jetons in een doel probeert te schieten en bladeren in zijn stickerboek met al zijn favoriete voetballers. Hij kijkt reikhalzend uit naar de wereldbeker, niet alleen omdat stilletjes in hem het verlangen zich ontvouwt om doelman te worden, maar ook omdat zijn ouders dan zullen terugkeren. Voetbal is voor hem een vluchtweg, een droom waarin hij eventjes gelukkig kan zijn. En niet alleen Mauro zoekt zijn toevlucht in voetbal, alle Brazilianen lijken zich volledig op het nationale feest te storten, om er even de dagelijkse onderdrukking mee te vergeten.

Regisseur Cao Hamburger legt op een geraffineerde manier enkele aspecten van het Brazilië anno 1970 bloot (de politieke opschudding, de potpourri aan volkeren waaruit het land is opgebouwd, de Joodse gemeenschap, de vlucht in het voetbal...). Hij kiest er namelijk voor om volledig de focus te leggen op een hoofdpersonage dat niet veel van het gebeuren snapt. De situatie wordt volledig door de ogen van de kleine Mauro bekeken, waardoor vooral de politieke kant van het verhaal maar zijdelings aan bod komt. Mauro vermoedt wel dat zijn ouders niet echt op verlof zijn, maar hoe de vork juist aan de steel zit, krijgt hij niet uitgevogeld. De gruwelijke taferelen die zich op de achtergrond afspelen (de martelingen, de arrestaties van opstandelingen, de liquidaties van al wie zich openlijk verzet) worden afgebeeld vanuit Mauro's ervaring en blijven dus redelijk vaag, maar niet zodanig dat we er ons niets bij kunnen voorstellen: het verhaal krijgt een gezicht opgekleefd: dat van een onschuldige knaap die ongewild slachtoffer wordt van de hele politieke situatie. Het voordeel van dergelijke aanpak is trouwens dat de film zo nooit zwaarmoedig wordt. Het jongetje heeft het niet gemakkelijk, is moederziel alleen op de wereld, wijkt geen seconde van de telefoon, maar hij weet zich te redden dankzij de zorg van zijn buurman en de afleiding die zijn vriendjes uit de buurt hem geven. De sfeer is serieus, maar er is ook ruimte voor sobere humor, luchtige kinderpraat en zorgeloos gespeel. De kijk op een dictatuur (of op gruwelijke gebeurtenissen in het algemeen) door de ogen van een kind, is niet nieuw, maar de versie van Cao Hamburger krijgt er een interessante gelaagdheid door, die de film de moeite waard maakt en zijn publiek de kans geeft om zich nauw betrokken te voelen bij het verhaal.

'The Year My Parents Went On Vacation' is in sé een portret van een jongetje dat vroeger volwassen moet worden dan gepland en troost vindt in iets dat hem vertrouwd is, namelijk voetbal. De waarheid achter de gebeurtenissen kan je tussen de regels lezen of je kan ook je ogen fijn knijpen tot op het onwetend niveau van Mauro. Een uitzonderlijke keuze. De mooie beeldvoering en acteerprestaties waar niets op aan te merken vallen, maken de film tot een welgemeende crowdpleaser. U zal tevreden zijn.

E-mailadres Afdrukken
 
The Year My Parents Went On Vacation
Brazilië / 2006
Regie: Cao Hamburger
Scenario: Claudio Galperin; Cao Hamburger; Bráulio Mantovani; Anna Muylaert
Met: Michel Joelsas; Germano Haiut; Paulo Autran;
Duur: 104 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST