Banner

Maarten Doorman & Heleen Pott (red)

Filosofen van deze tijd

8.5
Jurgen Boel - foto's: Mike Roelofs - 24 januari 2019

Een filosoof wordt wel eens omschreven als iemand die ooit bepaalde dingen gezegd of gedacht heeft en die andere mensen interessant genoeg vonden om te onthouden. In Filosofen van deze tijd verzamelen Maarten Doorman en Heleen Pott al veertien edities lang enkele van de belangrijkste filosofen van de 20e eeuw. Over de verschillende herdrukken heen werden de teksten herbekeken en waar nodig verdween of dook een filosoof op. In deze veertiende editie zijn alle teksten echter niet alleen herbekeken, maar werd er ook een van de eerder besproken auteurs gebannen en zijn er drie bij gekomen, waardoor het totaal nu op 32 monografieën ligt.

Waarom net voor deze geselecteerde filosofen is gekozen, wordt in de heldere inleiding toegelicht. Doorman en Pott zijn zich er zich van bewust dat hun keuze net zozeer subjectief als beperkt is als elk ander overzicht. Wat voor hen pleit, is dat ze ook hedendaagse filosofen als Peter Sloterdijk, Bruno Latour, Judith Butler en Slavoj Žižek mee opgenomen hebben in hun bundel. En al kan de kritiek gelden dat het hier voornamelijk blanke mannen betreft, zelf spreken ze conform het horende hedendaagse discours over “dominante, witte patriarchale denken”, toch dient deze kritiek evenzeer genuanceerd te worden. Het werk is immers geen canon in de strikte zin maar kijkt naar welke denkers in Europese en bij uitbreiding Westerse wereld na 1945 nog steeds gedoceerd en besproken worden, binnen en buiten de academische wereld.

Hoewel de vermelde auteurs ook na 1945 nog gepubliceerd moeten hebben, geldt in het bijzonder voor het eerste derde van het boek dat de hoofdwerken in de eerste helft van de 20e eeuw verschenen. Als belangrijkste voorbeeld hiervan is er auteur Martin Heidegger wiens Sein und Zeit in 1927 voor een eerste maal verscheen, en ook nu nog geldt als een relevant en indrukwekkend werk. Net als de volgende lemma`s geeft het kort de biografie van de filosoof (m/v) in kwestie weer. Vervolgens gaat het dieper in op het denken zelf en de waarde ervan te duiden zowel binnen het eigen tijdperk als zijn latere invloed of (in het geval van recente denkers) zijn potentieel op lange(re) termijn. Tot slot geeft deze editie naast de werken van de behandelde filosoof ook relevante secundaire literatuur mee voor wie meer wenst te lezen.

Voor elk lemma werd een andere auteur aangeschreven die de besproken filosoof het beste lijkt te kennen. Wat daarbij opvalt, is dat de meeste van hen niet alleen de filosoof in kwestie en zijn/haar werk duidelijk kennen, maar het ook kunnen plaatsen binnen een breder kader. Slechts een enkele keer weet een van de schrijvers niet voldoende de waarde over te brengen. In het geval van Hannah Arendt heeft dit te maken met het feit dat het lemma een bewerkte versie is van de inleiding voor een herdruk van Arendts Oordelingen. Lezingen over Kants politieke filosofie, waardoor de opbouw anders is. In het geval van Paul Ricoeur hangt het dan weer samen met het feit dat die over zowat alles geschreven heeft, terwijl Simone de Beauvoir zich voornamelijk op de literatuur stortte en haar auteur zich sterk richt op het leven van Beauvoir zelf.

Stellen dat het dissonante noten zijn, is overdreven want ook deze denkers krijgen voldoende aandacht en er blijft een heldere uiteenzetting rond hun denken over. Het valt echter wel op dat zij minder uit de verf springen (los van persoonlijke voorkeuren) dan bijvoorbeeld Jürgen Habermas (wiens oeuvre ook heel wijd gaat) of Peter Sloterdijk, een tegenstander van Habermas en grillige auteur, terwijl beiden toch ook niet eenduidig te plaatsen zijn. Dat er weinig aandacht is voor gendervraagstukken of dekolonisatie (enkel Judith Butler en Frantz Fanon worden behandeld) mag opgemerkt worden, maar tezelfdertijd betreft het hier thema`s en vraagstukken die relatief recent zijn en zich binnen academische subdisciplines nog volop aan het ontwikkelen zijn.

De meeste van de behandelde filosofen richten zich op bredere vraagstukken waarbij de maatschappij als geheel, de taal of “het zijn” centraal staan. In die zin is het bijvoorbeeld ook opvallend dat er relatief weinig aandacht is voor wetenschapsfilosofie en dat onder meer Karl Popper niet besproken wordt, al komen Willard Van Orman Quine, Thomas Kuhn en Bruno Latour wel aan bod. Ook de pure ethiek wordt weinig aangeboord en vooral ingebed binnen bredere denkstromingen. Dat bepaalde invalshoeken weinig tot niet aan bod komen (Daniel Dennet is zowat de enige besproken filosoof die zich met het bewustzijn bezig houdt), behoort nu eenmaal tot de keuzes die de beide redacteurs dienen te maken en is altijd het gevolg van eigen voorkeuren, compromissen en realiteiten. Het Westers denken is ook in de eerste helft van de twintigste eeuw vooral door bepaalde figuren (de zogenaamde oude blanke mannen) sterk bepaald en daaraan voorbij gaan zou kunnen getuigen van een fout ideologisch revisionisme en negationisme.

Filosofen van deze tijd tracht de geïnformeerde en/of geïnteresseerde leek een eerste, en beperkte introductie tot de Westerse filosofie van de twintigste eeuw te geven. De nadruk ligt op werken die weliswaar na de Tweede Wereldoorlog verschenen zijn, maar ook niet voorbijgaan aan enkele van de invloedrijke denkers die tussen beide wereldoorlogen hun stempel wisten te drukken op de filosofie. Door elke filosoof en hun belangrijkste werken te duiden en de lezer op weg te helpen naar verdere (secundaire) literatuur, wordt niet alleen een mooie introductie tot elk van hen gegeven, maar krijgt wie hongert naar meer ook de nodige wegwijzers.

Dat Filosofen van deze tijd zich al dan niet beperkt tot een bepaald segment van het academische en maatschappelijke debat is een feit, al zou een te grote spreidstand dit werk teniet doen. Wie meent dat het boek zich te sterk focust op een bepaalde vorm van denken, kan zich laten inspireren op de vorm van dit werk om een aanvullende en relevante belichting te brengen van opkomende denkstromen en “filosofen in de marge”. Binnen de academische wereld en daarbuiten vinden relevante gesprekken plaats. Ze allemaal willen vatten in een enkel werk zou het doel voorbij schieten en zich finaal aan de denkfout schuldig maken dat er zoiets als een enkele canon hoort te zijn. Filosofie is een huis met veel kamers, dit boek belicht er enkele van maar pretendeert nergens het huis zelf te vatten.

E-mailadres Afdrukken
 
Maarten Doorman & Heleen Pott (red)
Uitgeverij: Prometheus
Scenario: Maarten Doorman ; Heleen Pott
geverijprometheus.nl

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST