Rood is mijn kleur (Chauzy en Marc Villard)

Eric d’Hooghe - 05 december 2011

Dit duo zijn we al eerder tegengekomen in de kaliber-reeks. Ze stonden namelijk garant voor het schitterende De gitaar van Bo Diddley. Ook nu krijgen we een opeenvolging van situaties, gebaseerd op foute keuzes waardoor we eigenlijk kunnen spreken van een dipliek.

Het decor is het centrum van Parijs, maar dan wel de iets meer marginale zijde van dat centrum. De achterstraatjeswaar dealers en hun junks welig tieren. We volgen flik-op-jaren David Nolane (het kost wel wat moeite om de naam David op z’n Frans uit te denken tijdens het lezen). Samen met zijn vaste partner Carl leidt hij een interventie tegen een van de grotere dealers: Bi Brother. Carl wordt tijdens de actie doodgeschoten, waarna David de zaak tot op het bot wil uitspitten om z’n partner te wreken.

In een metaverhaal volgen we ook Davids dochter Zoë. Ze drumt in een post-bluesband maar vertoeft nu in een ontwenningskliniek om van haar heroïneverslaving af te geraken. Al gauw blijken alle personages de clichés te overstijgen. De verplegers verschaffen drugs in ruil voor een aantal lichamelijke diensten en ook David’s partner Carl blijkt er enige tijd geleden met zijn vrouw vandoor gegaan te zijn. Villard slaagt er in elk geval in om je constant met een wrang en dubbel gevoel op te schepen.

De wegen van David en Zoë kruisen elkaar en door hun complementaire achtergrond, besluiten ze samen op zoek te gaan naar de dealer die verantwoordelijk is voor de dood van Carl. Intussen probeert Zoë van de heroïne af te blijven, wat niet zo eenvoudig blijkt te zijn. De verkeerde keuzes volgen elkaar op. Als dan ook nog een deel van de narcoticabrigade meer betrokken blijkt te zijn in de drugswereld dan we eerst vermoedden, volgt er een enorm sneeuwbaleffect dat eindigt in een apotheose in een (o ironie) sneeuwlandschap.

Veelschrijver Villard heeft intussen zijn sporen al verdiend in de Franse literaire wereld. Een dikke dertig jaar geleden gaf hij de poëzie op om zich aan de literaire roman te wijdden. Dat leverde tot nu toe veertien romans en meer dan vierhonderd verhalen en scenario’s op. In Chauzy heeft hij een waardige vertaler naar het beeld gevonden. Ook diens tekenstijl balanceert tussen het poëtisch-artistieke en het grof realisme, maar steeds met heel wat oog voor detail.

Het kleurgebruik speelt een belangrijke rol. Chauzy maakt constant gebruik van complementaire tinten met grote kleurvakken in primaire kleuren. Dit geeft goed de tegenstellingen in en tussen de personages weer. De schetsmatige, realistische penstreken benadrukken dit alleen maar. In tegenstelling tot De gitaar van Bo Didddley moet je hier geen zweem van humor gaan zoeken. Het verhaal is hard en voert een pessimistische ondertoon. Maar dit vermindert geenszins het leesplezier. Kaliber (Casterman) slaagt er ook nu weer in om de verstripping van een literaire misdaadroman op een gedurfde, maar ook spannende manier te brengen.

E-mailadres Afdrukken
 
Rood is mijn kleur (Chauzy en Marc Villard)
Tekeningen: Chauzy
Scenario: Marc Villaard
www.casterman.com

Uit ons archief
Banner