Banner

OakTree

Well

8.0
Jan Van Steenbrugge - foto's: Sarah Bruyninckx - 19 oktober 2014

Dit is een warme oproep aan mensen die onderhevig zijn aan het grijzer wordende landschap dezer dagen. Met een beetje goede wil kan je zoveel kleurrijks ontdekken, zoals het bomenbladerdak en de feestverlichting. Ook de muziek van OakTree is rijk aan een breed kleurenregister. En niet alleen op de hoes.

altOakTree werd in 2013 uitgeroepen tot Jong Jazztalent op het Gent Jazz Festival. De groep gebruikte dat vertrouwen om een jaar later, juli 2014, haar debuutcd Well aan ons voor te stellen. Een erg lijvige plaat is het geworden met maar liefst veertien tracks . OakTree is een trio dat bestaat uit zangeres Sarah Klenes, celliste Annemie Osborne en accordeonist Thibault Dille. Ze leerden elkaar in 2008 kennen tijdens een workshop vrije improvisatie en besloten toen de handen in elkaar te slaan. OakTree zag de kans schoon om samen te werken met Tcha Limberger (viool en zang), Michel Massot (eufonium, tuba, zang) en Kristof Hiriart (ttun-ttun, zang), drie meer ervaren musici die uitstekend passen bij de wereldse arrangementen. Het optreden op Gent Jazz eerder dit jaar zullen we niet snel vergeten. Kernachtig samengevat: eerlijk, warm, verfrissend en multidisciplinair.

Op haast Björkiaanse wijze opent het trio zijn cd met “Fear Of Fur”. Het meerstemmige drama en de spanning naast een vakkundige soberheid blijken erg goed te passen in een kader van allerlei invloeden, zoals klassiek, jazz, balkan- en wereldmuziek. “Kitchen Mandoline” verrast met schijnbare chaos en de gefragmenteerde zang van Klenes. Het instrumentarium waarmee te werk gegaan is, werd uit zijn klassieke setting gehaald om onverwachtse zijwegen in te slaan. Zang en accordeon unisono, meesterimprovisator Massot die zowel voor subtiele kwinkslagen als donkere bassen zorgt, staccato cellolijnen en uitdijende vioolpassages. Kortom, sober, broos en tegelijk zelfbewust.

Wie tijd gevonden heeft om zich van de buitenwereld af te zonderen en uitgerekt in de zetel te ploffen, zal bij “Lindas Flores” spontaan de glimlach voelen opkomen. Een lange intro met groeiende ritmische melodie maakt na anderhalve minuut plaats voor een gelukzalig en lekker uitgekiend refrein. Het vloeit eruit zonder de minste moeite en hoe Dille zijn solo stil begint is heerlijk -- het voelt zo nabij aan, hoe je de knoppen van de accordeon duidelijk ingedrukt hoort worden.

Een streepje tristesse in het intermezzo “Les Lignes I”, als opwarmer voor Sam Cookes “A Change Is Gonna Come”. Cello, zang en veel blues en soul. Erg oprecht klinkt deze versie, haast meditatief zelfs. In “Entre Les Lignes” kunnen we Tcha’s jazz manouche tussen de lijntjes horen. Uw wereld zal nog nooit zo stil gestaan hebben als tijdens het beluisteren van dit nummer. En het bevestigt hoe direct authentieke muziek kan aankomen. De cd herbergt de invloeden en ideeën van elke muzikant, en dat maakt hem zo veelzijdig. Hier krijgen we geen herkauwing van eerder bezochte formules of vergezochte experimentele uitweidingen, maar een verkenningstocht zonder pretenties.

Met Well leveren de jongelingen van OakTree een erg leuke eerste cd af. Hij klinkt erg volwassen en het leuke is dat er een gezonde portie jeugdige naïviteit is blijven plakken. Goed voorbeeld daarvan is “Magicians”, een nummer dat verwondering en nieuwsgierigheid wekt en waar het enthousiasme vanaf druipt. Wie graag nog eens wil weten hoe het voelt om vlinders in de buik te hebben, moet afstemmen op OakTree.

E-mailadres Afdrukken