Banner

Priests

Nothing Feels Natural

8.0
Hans Rombaut - 15 maart 2017

Neen, dat ‘toonaangevende’ Pitchfork heeft het niet altijd bij het rechte eind. Maar wanneer ze het wel hebben, moeten we dat ook toegeven. Dus nu ze het punkkwartet Priests een gelijkaardige baldadigheid toedichten als Savages, kunnen we dat enkel volmondig beamen.

Deze albumbespreking komt, met andere woorden, vrij laat, maar het is een contant repeat factor die het schrijven ervan alsnog opdringt. Voor wie nog niet mee is: Priests is een punkband uit Washington D.C. die voor vijvenzeventig procent vrouwelijk is. Aanvankelijk was de bestaansreden het maken van confronterende, experimentele schreeuwpunk, wars van enige muzikaliteit en diepgeworteld in de no-wave-ethiek van de vroege jaren tachtig. Tot de EP Bodies and Control and Money and Power een hoorbare kentering teweegbracht. Plots bleek Priests meer te kunnen dan louter lawaai maken: het sloganeske drammen werd verruild voor het melodieuze, het experiment ging over in het lied. Al kwam dat lied nog in een ongepolijste oervorm, de band verkreeg er momentum mee en shows begonnen volk te trekken. Bovendien toonden ze zich een betere leerling van de klas op het gebied van D.I.Y. en zelfredzaamheid; ze zetten -- geheel naar D.C. punktraditie -- een eigen label op poten (Sister Polygon) en begonnen aan de opnames van wat dit debuut zou worden.

Maar dat verliep moeizaam. Opnames werden afgekeurd en overgedaan, geld werd verkwanseld maar opnieuw verdiend, tot eind januari van dit jaar Nothing Feels Natural verscheen. Misschien toevallig, maar desalniettemin goed getimed, was dat een week na de inauguratie van Trump, waardoor diens tegenbeweging onmiddellijk van een soundtrack was voorzien. De band was natuurlijk al jaren ingebed in een counterculture -- ook Obama kreeg ervanlangs -- dus het zou goedkoop zijn om ze slechts als actuele protestuitwas te bekijken. Maar het is in het licht van een ontluikende revolte dat een band zichzelf van een elan kan voorzien en ook Priests lijkt die kans niet te zullen laten liggen.

Dat hoeft natuurlijk niets te zeggen over de hoedanigheid van de muziek (zie bijvoorbeeld: Pussy Riot), maar laat ons wel wezen: geen enkel kwaliteitsgebrek op Nothing Feels Natural. In wat wezenlijk negen sterke popsongs zijn, wordt de voorheen kenmerkende dissonantie beperkt. Veeleer dan terug te grijpen naar de no wave, put dit album uit een amalgaam aan toegankelijker gitaargenres, gaande van surfpop (Dick Dale) over cowpunk (The Gun Club) tot postpunk (Joy Division). Op de koop toe blijkt Katie Alice Greer niet uitsluitend als schreeuwlelijkerd te kunnen dienen; ze is een prima zangeres wanneer ze zich daarvoor inspant. Eens klinkt ze waanzinnig zoals Exene Cervenka -- van de legendarische L.A.-punkband X -- anders uitbundig zoals Beth Ditto, maar altijd ophitsend in het proclameren van rebellie. Het is daarin dat Pitchforks vergelijking met Savages gerechtvaardigd wordt: Greer lijkt net als Jehnny Beth in staat om de gemoederen van de verdoofde, schermverslaafde millenials te verhitten.

Bovendien maakt Priests uitgekiend gebruik van een rijkelijk klankenpallet. Zo weten ze met het inzetten van piano of saxofoon op het juiste moment de sfeer van song tot song te transformeren en de aandacht daarmee vast te houden. Waar “Appropriate” nog begint met lijzig nihilisme, weet een zomers “JJ” de dansschoenen aan te meten. De titeltrack, voorzien van een Bernard Sumner-riff, waadt dan weer doorheen het zompige Engelse noordwesten terwijl “Puff” aan de drugverzadigde L.A.-punkscene van de late jaren zeventig refereert. Greer, op haar beurt, meandert schijnbaar nonchalant doorheen de tekst (“Nicki”) om vervolgens te ontvlammen in spoken word razernij (“No Big Bang”). Het kan tegenstrijdig, zelfs chaotisch, overkomen. En toch duurt het album maar een compacte, snedige dertig minuten.

Priests geeft, naast een opmerkelijke zin voor timing, blijk van kennis van de juiste referenties en vooral bedachtzaamheid bij het implementeren daarvan: nergens gaat de boel ten onder aan een hijgerig lijkenpikken, nooit wordt de eigenheid uit het oog verloren. Het is, zoals Pitchfork schrijft, veruit de meest doeltreffende punkplaat sinds Silence Yourself van Savages. En het is -- gewild of niet -- een soundtrack tegen Trumps Amerika. Gelanceerd vanuit D.C, op een boogscheut van het Witte Huis, om de millenials uit hun illusie van voorrecht te dwingen en tot actie te laten overgaan.

Priests speelt op 28 mei in het Gentse Trefpunt (via Democrazy).
E-mailadres Afdrukken
Tags: Priests