Banner

Mount Eerie

A Crow Looked At Me

Nout Van Den Neste - 12 maart 2017

Om maar direct met de deur in huis te vallen: wat een mokerslag van een plaat. Phil Elverums vrouw Geneviève Castrée stierf in juli 2016 aan de gevolgen van pancreaskanker, minder dan een jaar nadat ze zelf moeder was geworden. Dit verlies en het rouwproces is het onderwerp van deze nieuwe Mount Eerie, en het resultaat is van een naakte, huiveringwekkende, meestal verbijsterende schoonheid.

Tien van de elf nummers op dit album zijn bijna zoals brieven, rechtstreeks aan haar gericht in de “you”-vorm. Geneviève Castrée zelf wordt maar één keer bij naam genoemd: in het laatste nummer “Crow”, dat eigenlijk gericht is aan hun dochtertje. Phil Elverum maakt met haar een boswandeling waarbij ze door een kraai gevolgd worden. Het nummer werd geschreven kort na de verkiezing van Zijne Roodhuid Trump en het is het enige moment op de plaat waarop de intieme “gebroken familiebubbel” doorprikt wordt met zinnen als: “Sweet kid, what is this world we're giving you? / Smoldering and fascist with no mother”. Het siert Elverum dat hij noch op dit nummer noch elders op dit album probeert om er een positieve draai aan te geven: het leven is soms gewoon zo nonsensicaal en de liefde van je leven verliezen laat krassen achter op de ziel.

De kraai die hem en zijn dochtertje tijdens de boswandeling volgt, is een van de vele verwijzingen naar de natuur op dit album. Bos, wind, regen, storm: het kolkt in het muzikale DNA van de impressionante discografie van Mount Eerie. Waar op vorige platen de natuur op bijna mantra-achtige wijze werd geëmuleerd, geïmiteerd, gevormd en hervormd (denk maar aan Ocean Roar of het magische Wind’s Poem), lijkt Elverum op dit album helemaal niet meer zeker van wat de natuur nu nog precies betekent. Is het Geneviève die zich aan hem probeert kenbaar te maken? Betekent het iets of is het gewoon toeval en willekeur, zoals de herinnering aan twee raven in “Ravens” toen Geneviève nog leefde en die met zijn tweeën (en dus niet met drie) richting het eiland vlogen waar hij en Geneviève naartoe wilden verhuizen?

Of het prachtige “Toothbrush/Trash” waarop Elverum een vlieg in de kamer waar Geneviève gestorven is, naar buiten laat en zich uiteindelijk afvraagt: “And the fly buzzing around the room / Could that possibly be you too? / I let it go out the window / It does not feel good.” Zo schippert dit album constant tussen een oneindige zoektocht naar zingeving en betekenis, en de bittere realiteit dat een vlieg maar een vlieg is en dat er uit de dood van zijn vrouw geen lessen te trekken vallen. Zoals hij zelf zegt op “Real Death”: “It's dumb / And I don't want to learn anything from this / I love you”.

Elverum nam dit album tussendoor op (van zodra iemand voor zijn dochtertje kon zorgen, spurtte hij naar boven om aan de plaat te werken), in dezelfde kamer waar Geneviève gestorven is, met haar instrumenten. Zij, en vooral de herinnering aan haar, is op élk nummer van dit album aanwezig. Of het nu gaat over haar laatste dag op deze planeet (het bijna onbeluisterbaar rauwe “Swims”), over haar tandenborstel die ze achterliet, dan wel over hoe ze in het huis tegelijk aanwezig is en toch ook steeds meer verdwijnt achter foto’s die op de koelkast hangen: je voelt op elk nummer Phil Elverums verdriet, onmacht en onbegrip. Dat het leven zo kan lopen. Dat daar niets aan te doen valt. Dat het weg is.

Het is pas halverwege op “Toothbrush/Trash” dat er iets komt, wat je verlossing zou kunnen noemen. Dat is wanneer Elverum even triest als opgelucht verzucht: “The actual experience of you here/I can feel these memories escaping/Colonized by photos, narrowed down, told/My mind erasing/The echo of you in the house dies down”. Het nummer versnelt, een piano valt in en de muzikale toon wordt subtiel hoopvol, of op zijn minst een accepterende, gelaten soort van zucht.

Om eerlijk te zijn: het voelt verkeerd een recensie over deze plaat te schrijven (laat staan een score te geven). A Crow Looked At Me is zo buiten categorie, staat zo bol van persoonlijke herinneringen, gedetailleerde dagboekfragmenten, aangrijpende beelden (al vanaf “Real Death” houden we het niet droog wanneer Elverum vertelt over een pakketje met een rugzak voor zijn dochtertje in de postbus, die zijn vrouw enkele dagen voor haar dood had besteld) en kale, achteloze melodieën: dichter bij therapie kom je niet. Het is zo eerlijk, zo onbezonnen. Het is niet gemaakt om kunst te zijn en toch zit hier schoonheid in, toch zit hier een verwrongen betekenis in.

Een gitaar, een piano, hier en daar een zachte drum of harmonium, meer stelt de begeleiding niet voor: zijn naar eigen zeggen door Sun Kil Moons Benji geïnspireerde dagboekteksten (in de hoes van de plaat geeft hij zelf aan wanneer het nummer na Genevièves dood werd geschreven) staan op het voorplan en grijpen des te meer naar de keel. De vroege platen van The Palace Brothers, voorgenoemde Benji en ook Mount Eerie's eigen Dawn: dat zijn de muzikale referentiepunten waar dit intieme, vaak lo-fi-gehouden album op unieke wijze op verder bouwt.

Zo. Dichter dan dit komen we bij A Crow Looked At Me niet. Bovenal is het een album dat u vooral zelf moet ondergaan, misschien niet te vaak (tenzij het helpt), maar op zijn minst één keer in uw leven. Dat noemen we dan een absoluut essentiële plaat van een absoluut essentiële artiest die een onmogelijk te delen ervaring op plaat heeft gezet. Wat de waarde daarvan precies is, laten we graag aan u over. Luisteren naar dit album is dan ook niet per se een pretje, maar van de andere kant zijn humane platen die de ramen open laten staan en de wind door het leven laten jagen, van essentiële waarde om iets van ons absurde bestaan op aarde te begrijpen.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Mount Eerie