Banner

Silent Whale Becomes A Dream

Requiem

8.5
Nout Van Den Neste - foto's: Fabien Mortes - 19 december 2017

Laten we maar beginnen met het slechte nieuws: we hebben hier een obscuur zwaargewicht in de postrockwereld over het hoofd gezien. Het zou niet mogen en al zeker niet met zo'n pracht van een bandnaam. Hun debuutalbum Canopy uit 2009 zouden wij ondertussen als onmisbaar voor elke postrockliefhebber bestempelen, mijlenver van de spielerei waar soms zoveel andere postrockgrootheden zich aan bezondigen. Deze vier tracks van Requiem zijn nog grootser, imposanter en vooral onbedaarlijk mooi.

In de postrockwereld zijn er weinig bands zoals Silent Whale Becomes A Dream die zo ongegeneerd voluit voor Schoonheid gaan. Dankzij de prachtige orkestrale arrangementen die nooit te stroperig klinken en voldoende tegengewicht krijgen van overstuurse elektrische gitaren.. Zoals op de opener “Dies Iræ, Dies Illa”, dat de toon zet voor de rest van de plaat. De opbouw is gestaag, orkestraal, zelfs episch en werkt naar een zinderend, slingerend middenstuk toe met een wilde drumpartij en een gitaarsolo die enigszins het evenwicht op een wankel schip probeert te behouden. Zelfs in de meest zinderende elektrische gitaarsolo's voel je eenzaamheid, verlangen en onmacht door je lijf gieren. Deze plaat heeft zout op zijn huid.

Ook bijzonder: hoe lang het openingsnummer in spanning blijft hangen in een soort van limbo, met klaterende simbalen en zoemende gitaren, tot er een uniforme drone ontstaat zoals je die ook op een concert van The Swans zou horen. Vervolgens mondt het nummer uit in een pracht van een ambient outro die ook op vroeger werk van Mono niet had misstaan. Hypnotiserend en intens. Bovendien is de sequencing van dit album uitgekiend: na de bijna 18 minuten pathos van het openingsnummer klinkt de kale, aan slowcore schatplichtige intro en opbouw van “Cor Contritum Quasi Cinis” als een noodzakelijke, koele bries.

Sterk hoe dit laatste nummer constant zo ingehouden blijft. Hoe de drums bonken en de aarzelende gitaar spiegelen, hoe het nummer opbouwt waarna de onregelmatige drums dan toch weer wegvallen om door een zee van ambient en rinkelende snaren overspoeld te worden. Dan gaat dit acht minuten lange nummer in de laatste twee minuten dan toch richting een finish die nauwelijks explosief te noemen is, eerder repetitief en teruggetrokken. Een uitbarsting was hier te voorspelbaar geweest en dat begrijpen die Franse, voor de rest anonieme mannen van Silent Whale Becomes A Dream maar al te goed.

De titel zegt het zelf al: deze plaat is opgevat als een requiem, een lange suite, een dodenmis. Toch is de sfeer nergens bedrukt of onontkoombaar donker. Het voelt eerder vaak verlossend, zoals op de derde track “Recordàre”, waar gitaar en strijkers golven van ambient creëren die steeds verder het strand overspoelen. Dit is het geluid van een wijd open hemel op een strand ergens aan het einde van de wereld. Tot de drums invallen en er een soort van gekleurd raamwerk ontstaat waar je alleen maar met open mond naar zoveel schoonheid kan staan kijken: ondanks de vele lagen, hoor je elk detail: gitaar en strijkers die elkaar versterken, de bonkende drums en vervolgens de groezelige, overstuurse gitaar die het nummer bij zijn nekvel grijpt en naar een andere plaats brengt. Op geen enkel moment verlies je door de zorgvuldige mix ook maar iets van de andere instrumenten of arrangementen uit het oog.

Absolute kers op de taart is toch wel afsluiter “Lacrymósa Dies Illa”, waar er minutenlang nauwelijks melodieën te bespeuren vallen, behalve opwellende en terugvallende ambient drones, een conglomeraat van strijkers, cimbalen en gitaren. Tot een zware bas het nummer voortstuwt en een grillig ritme zich van het nummer meester maakt. Dit nummer lijkt de tegenhanger te zijn van opener “Dies Iræ, Dies Illa”, een gelijkaardige opbouw, een gelijkaardig zeeziek explosief middenstuk. Met dat verschil dat de emotie verschoven is: dit keer volgen de drums de gitaren in plaats van omgekeerd, de stuwkracht is kleiner geworden, dit nummer bijt niet maar houdt eerder de tanden geklemd.

Voor wie eraan twijfelt: dit is filmische muziek. Wie dit album op de koptelefoon beluistert, met de ogen toe, krijgt beelden zoals dat voor ons ook het geval geweest is. Boven alles is dit een album dat ongegeneerd en zonder veel poespas pure schoonheid probeert op te zoeken met uitgekiende sequencing, prachtige orkestrale arrangementen en van begin tot einde hoogstaande muziek, tot het abrupte einde. Van dit soort van platen kunnen we in 2017 niet genoeg hebben.

Dit album is voorlopig alleen via download verkrijgbaar. Vanaf begin 2018 zal dit album ook in gelimiteerde oplage op vinyl van hoogstaande kwaliteit te verkrijgen zijn via het boetiek-platenlabel Elusive Sound. Zeg niet dat we u niet verwittigd hebben.

E-mailadres Afdrukken