Banner

Various Artists

African Scream Contest 2. Benin 1963-1980.

8.0
Bjorn Weynants - 02 augustus 2018

Reissue labels als Awesome Tapes From Africa, Now Again en Soundway zijn gespecialiseerd in het opnieuw in omloop brengen van vergeten of moeilijk te vinden Afrikaanse muziek, hoofdzakelijk uit de jaren zestig en zeventig. Artiesten als Hailu Mergia, The Funkees en Ata Kak beleefden daardoor een tweede carrière. Ook het Duitse Analog Africa is zo’n label en met deze African Scream Contest 2 brengen ze na tien jaar een vervolg uit op hun gelijknamige verzamelalbum, dat ondertussen een bijna klassieke status verworven heeft.

Het is geen toeval dat al die labels hun heil zoeken in precies die periode. Het was immers net na de onafhankelijkheidsgolf in Afrika, toen er nog een golf van optimisme door het continent waarde. Optimisme dat al snel verdween in een krabbenmand van corruptie, dictators en gemiste kansen. Maar gedurende die pakweg vijftien jaar werd op talrijke plaatsen in Afrika boeiende muziek gemaakt: een mix van westerse muziekvormen (soul, blues, jazzrock) met traditionele Afrikaanse muziek. Grote namen als Ali Farka Touré, Youssou N’Dour, Fela Kuti en King Sunny Adé bleven in het westen altijd op de radar, maar veel andere artiesten verdwenen, ook in hun thuislanden waar dictatoriale regimes al te vaak de artistieke vrijheden belemmerden.

Op African Scream Contest 2 ligt de focus, net zoals bij het eerste deel, op de muziek uit het West-Afrikaanse land Benin in de periode tussen 1963 en 1980. Een land dat gekneld zit tussen twee grotere landen die een grote muzikale invloed uitoefenden op het continent door de highlife uit Ghana en de afrobeat uit Nigeria. De eerste verzamelaar uit 2008 toonde al de verrassende muzikale rijkdom van het land en herlanceerde en passant de carrière van het Orchestre Poly-Rhytmo De Cotonou, de meest gewaarde band die het land ooit kende. Na al die jaren trok Samy Ben Redjeb, de man achter het in Frankfurt gebaseerde label, opnieuw naar Benin op zoek naar nummers en de artiesten achter die nummers, om hen niet alleen de rechten op hun muziek terug te geven, maar ook om hun verhaal op te tekenen. Die artiesten hadden na de machtsgreep van de communistische dictator Mathieu Kérékou de muziek opgegeven en leidden sindsdien veelal een anoniem bestaan.

Hoe Ben Redjeb die muzikanten uiteindelijk vond, leest bijna als een scène uit een Le Carré-roman. Hij deed daarvoor beroep op Lokonon André, zanger bij Les Volcans De La Capitale: een band die sowieso al nauw verbonden was met de politie. Tijdens het regime van Kérékou was Lokonon een van de personen die naar Moskou gestuurd werden om bij de KGB een opleiding te volgen om staatsvijanden op te sporen. In ruil voor wat geld om de benzine van zijn motorfiets te betalen, gebruikte hij deze keer zijn kennis van het land om de vermiste muzikanten terug te vinden.

Ook deze tweede editie van African Scream Contest toont duidelijk de muzikale rijkdom van Benin. Een rijkdom die zijn oorsprong vond in twee elementen. Ten eerste was er de Vodoun, een polytheïstische godsdienst die nauw verweven is met de cultuur en folklore van het land. Daarnaast richtte de visionaire ondernemer Bernard Dohounso in 1973 SATEL op, de eerste platenperserij van het land. Waar muzikanten voordien naar Nigeria of zelfs Frankrijk moesten uitwijken om een single of album uit te brengen werd dat plotsklaps veel toegankelijker.

De veertien nummers op deze verzamelaars geven een mooi beeld van de diversiteit van de Beninse muziek. Opener “A Min We Vo Nou We” van Les Sympathics De Porto-Novo begint met een rauwe gitaarintro à la Jimi Hendrix en evolueert daarna naar aanstekelijke funk. Verder zitten er bakken groove in de nummers (zoals op “Mé Adomina” van Picoby Band D’Abomey) of sijpelt de invloed van Cubaanse ritmes door. In “Dja Dja Dja” van Stanislas Tohon bijvoorbeeld, waar ze een mooie interactie vormen met de percussie. Die melting pot met de Caraïben zit ook duidelijk in “Paulina” van Black Santiago, een van de hoogtepunten van de set. Het onvermijdelijke Orchestre Poly-Rhytmo De Cotonou ontbreekt ook deze keer niet. Hun “Moulon Devia” is een zinnenprikkelende kruising tussen funk en afrobeat.

African Scream Contest 2 zit knap in elkaar. Soms is het een dartel meewiegen (het knappe “Asaw Fofor” van Ignace De Souza), om wat later uit te monden in een aanstekelijk vraag- en antwoordspel waar de blazers de boel in lichterlaaie zetten (“Nounignon Ma Kpon Midji” van Antoine Dougbé). Mindere nummers zijn er niet te vinden op dit album. De al eerder genoemde Lokonon André zorgt met “Glenon Ha Akue” voor een nummer waar de groove uit elke porie spat. Nog een laatste hoogtepunt? “Baba L’Oka Ba’Wagba” is Afrikaanse soul, waar de invloed van James Brown verwerkt wordt tot een ronduit onweerstaanbaar nummer dat de omgevingstemperatuur onmiddellijk met een paar graden doet stijgen.

Dit verzamelalbum heeft dan misschien niet de kracht en verrassing die het eerste deel tien jaar geleden had, zuiver muzikaal gezien is het vooral een bevestiging. Ideaal voor wie muzikaal graag wat verder kijkt of voor wie graag opwindende, swingende en dansbare muziek in huis wil halen.

E-mailadres Afdrukken