Banner

Stephanie Richards

Fullmoon

Guy Peters - 14 september 2018

Geen gebrek aan trompettisten die het instrument in recente tijden een nieuwe plaats en rol hebben gegeven in de experimentele muziek en improvisatie, maar met haar solodebuut verovert Stephanie Richards meteen een opvallende positie in het rijtje van idiosyncratische figuren.

Richards timmert al enkele jaren aan de weg en dook al op aan de zijde van uiteenlopende kleppers. Zo heeft ze niet enkel samengewerkt met klinkende namen als Anthony Braxton (Trillium J, 2016), John Zorn (There Is No More Firmament, 2017) en Henry Threadgill (Dirt… And More Dirt, 2018), maar trad ze ook op met o.m. Deerhoof, David Byrne en zelfs Kanye West. Het leidde vooralsnog tot een redelijk beperkte discografie, al lijkt daar stilaan wel verandering in te komen. Haar opvallende debuut onder eigen naam is meteen iets bijzonders: eigenlijk opgenomen op één dag, maar vervolgens nog twee jaar voor het licht gehouden en bewerkt. Het resulterende half uur valt dan ook met niets te vergelijken.

Maar eerst misschien een kleine correctie: het is niet helemaal een soloplaat, maar een samenwerking met live sampler Dino J.A. Deane, een multi-instrumentalist, componist, dirigent en meer, die al decennia actief is binnen de avant-garde, maar vooral gelinkt wordt aan wijlen Lawrence ‘Butch’ Morris. Richards speelde zelf compleet akoestisch en zonder elektronische of /digitale manipulaties, maar hanteerde wel een resem instrumenten die ze met haar hoofdinstrument liet resoneren. Deane ging daar in real time mee aan de slag. Met samples, loops en een schier eindeloos arsenaal aan ingrepen wist hij haar spel aan te vullen, te contrasteren of in een onwerelds kader te plaatsen.

Daarmee heeft het iets van de samenwerking tussen bvb. Peter Evans en Sam Pluta, al herinnert Richards’ spel net zo goed aan de opvallende ‘kleinere’ projecten van een Nate Wooley. Nochtans maakte ze relatief zelden gebruik van de extreme extended techniques, en dat hoeft ook niet. Haar beheersing van de trompet is opvallend, met gecontroleerde verbuigingen, lage uithalen in een laag, grommend register die naadloos gekoppeld worden aan iele uitschieters, en meer. Het is vooral Deane die het samenspel naar avant-garde-wateren stuurt. Hij laat er geen gras over groeien, want vanaf “New Moon” beland je meteen in een start/stop-dynamiek met zwalpende trompetgolven en staccato accenten. Richards klinkt erg introspectief, maar toch krijgt het geheel snel een hallucinante draai, door stereo-achtige effecten en ingrepen die aanleunen bij de noise.

In “Snare” worden de texturen meteen al wat metaliger en belanden ze in een sudderend bad van klanken, wat leidt tot een semi-cartoonesk heen-en-weer-gekaatsweergekaats met een autistisch-repetitieve manie. Daarna wordt snel duidelijk dat het vooral de kop van de plaat is die meteen in de radicale contrastwerking duikt, want vervolgens gaat het er namelijk wat ingetogener aan toe, wordt er rondgehangen in een meer etherisch geluid (“Piano”), terwijl het middenluik van het album (“Half Moon” en “Gong Pt. I & II”) richting dromenland gestuurd wordt met hoog jankende uithalen en iele effecten van Deane. In “Gong (Pt. II)” krijgt het heel even zelfs de flair van meeslepende kamermuziek, ergens op de wip tussen sounddesign, ambient en improvisatie.

Het derde drieluik gaat weer wat radicaler van start. De combinatie van trompet en timpani creëert excentrieke resonanties, laag en dreigend, bijna olifantenkreten die enkele keren een orkestrale punch hebben, terwijl een plensbui van schrille steekeffecten herinnert aan de expressionistische scores van een Bernard Herrmann. In het tweeledige “Full Moon” wordt de trompet uitgespeeld tegen een kille drone en klinkt het even later alsof Richards in discussie gaat met zichzelf, terwijl pas in het allerlaatste stuk de percussieve plops centraal staan. Richards krijgt zichzelf in meerdere gedaantes teruggekaatst, wat leidt tot een delirische polyfonie van stemmen. Het is meteen ook het gepaste slot van een album dat aan dertig minuten meer dan voldoende heeft om indruk te maken. Dat doet dan ook hopen dat volgende releases van deze artieste niet zo lang op zich laten wachten.

E-mailadres Afdrukken