Banner

Colter Wall

Songs Of The Plains

7.5
Bjorn Weynants - 01 november 2018

Zijn muziek mag dan nog zo gedrenkt zijn in de muziektraditie van de Verenigde Staten, op zijn derde album Songs Of The Plains brengt Colter Wall een eerbetoon aan zijn geboortestreek in de Canadese prairies.

Colter Wall groeide op in de wijdse, bijna oneindige prairies van de Canadese provincie Saskatchewan. Een staat die meer dan tweemaal zo groot is als Texas -- of bijna even groot als Alaska -- met een bevolking die even groot is als die van de stad Brussel. Om maar te zeggen dat het een plaats is waar er ruimte is en die door de mens nog niet helemaal in beslag genomen is. De prairieprovincies zijn een deel van Canada dat ook nu nog aanvoelt als het Wilde Westen. Het is een regio die met artiesten als Neil Young, Joni Mitchell en Buffy Sainte-Marie al heel wat grote namen heeft voortgebracht. Weetje: de vader van Colter Wall is de conservatieve politicus Brad Wall, die jarenlang premier was van Saskatchewan.

Net zoals op de titelloze voorganger is de muziek hier heel spaarzaam. Gitaar en stem staan centraal, de pedal steel en mondharmonica die sommige nummers opluisteren leggen accenten. Maar het is dus vooral de stem van Wall die indruk maakt. De vergelijking met Johnny Cash is voor de hand liggend -- al hoort Wall zelf die vergelijking niet graag -- maar toont vooral dat hij een van die muzikanten die gezegend is met een zo uniek stemgeluid dat het zelfs de moeite waard zou zijn als hij het Staatsblad zou voorlezen.

Songs Of The Plains bestaat uit nummers die stuk voor stuk buiten alle tijdsbesef staan, als waren het liedjes die er altijd al geweest zijn. Het is een mix van covers en eigen werk, al zou je niet zomaar kunnen zeggen welke songs tot welke categorie behoren. Door alle overbodigheid weg te werken gaan de nummers allemaal tot de pure essentie als waren ze de verpersoonlijking van de kale prairie.

Een aantal nummers gaan ook expliciet over Canada en de prairie. “Plain To See Plainsman” is tot op het bot afgekloven country. “Let me die in the country that I love the most” klinkt het. Wall mag dan ondertussen wel in Nashville wonen het is daar in de lege vlakten van Canada dat hij zijn thuis heeft. In “Saskatchewan in 1881” haalt hij een waargebeurd historisch verhaal boven, de cover “Calgary Round Up” gaat over het bekende rodeo-event.

Verder speelt Wall ook met de thema’s en figuren van het Wilde Westen, zoals in het over de legendarische outlaw handelende “Wild Bill Hickok”. Het verhalende “John Beyers (Camaro Song”) is een klassiek verhaal van verraad en wraak, het weemoedige “The Trains Are Gone” gaat over lang vervlogen tijden. Op “Wild Dogs”, een cover van Billy Don Burns, zorgt de pedal steel voor een dartel ritme, een van de zeldzame keren dat het tempo een beetje de hoogte in gaat. Traditional “Night Herding Song” is Wall op zijn puurst. Grotendeels a capella werd het nummer letterlijk aan het kampvuur opgenomen.Enkel de yee-haa country van traditional “Tying Knots In The devil’s Tail” voelt een beetje overbodig aan.

Songs Of The Plains ligt in het verlengde van Walls voorgaand werk. Ontdaan van alle toeters en bellen is dit country herleid tot de pure essentie waarbij Walls grootste troef -- zijn stem -- helemaal op de voorgrond komt. Dat gecombineerd met een reeks nummers die klinken of ze er altijd al geweest zijn, is weer een nieuwe stap vooruit voor de Canadees.

Op een Belgisch optreden is het nog wachten, maar op 16 maart treedt Colter Wall op in de Tolhuistuin (Paradiso Noord) in Amsterdam.

E-mailadres Afdrukken