Banner

De studio in met Falling Man

''Moeilijke tweede? Waarom zou muziek maken plots moeilijk zijn?''

Lennert Hoedaert - 02 februari 2017

Het Gentse Falling Man lijkt wel een goeie wijn die traag rijpt. De band werkt geduldig aan nieuwe songs en geeft ze tijd om te groeien. Eens de muziek er is, gaat ze diep. De groep rond acteur Sam Louwyck werkt in Sint-Amandsberg aan zijn tweede plaat en enola mocht erbij zijn. Op zoek naar de essentie van de muziek met een stel eigenzinnige rockers.

Half bouwwerf, bric-à-brac, maar toch huiselijk en gezellig. Welkom in de studio van Peter Van de Veire. De legendarische The Yellow Tape is opnieuw de plaats waar het allemaal gebeurt. De opvolger van het titelloze debuut -- nog altijd een heerlijke, bluesy luistertrip -- kreeg als werktitel Ghost en moet ergens in september verschijnen. Dit voorjaar zal de band al een paar songs releasen. Vier jaar tussen beide albums? Ja, sommige dingen vragen nu eenmaal tijd. En er zitten eigenlijk nog twee ep’s tussen: The Hordes Of The Battered (2011) en Shine On (2015). Falling Man is ook veel meer dan een rauw potje noiserock. Anders zouden Lode Sileghem, Paul ‘Polie’ Van De Velde en Sven De Potter niet zo’n bijzonder figuur als Sam Louwyck als frontman aangeworven hebben. Want dat is een strijd op zich -- het weekend van ons bezoek heeft de veelgevraagde acteur enkel op zondag een gaatje gevonden om de nummers te komen inzingen. Maar daarover later meer.

Bij het binnenkomen zijn de drie met producer Wouter Vlaeminck aan het derde nummer van de dag bezig. Het is de derde samenwerking tussen Falling Man en Vlaeminck. De Potter: “Hij is zowat onze huisproducer. Wouter verstaat als geen ander de kunst om songs naar een hoger niveau te tillen, met minimale ingrepen. Zijn aandeel in Falling Man is niet te onderschatten.” Het nummer, met werktitel “Rebels Rebuild”, heeft een kronkelende repetitieve riff en vlijmscherpe gitaaruithalen als opvallendste kenmerken. In het (productieve) weekend daarvoor werden zeven basistracks opgenomen. “Er zitten nog te veel nootjes in! Het mag een beetje meer spacy. Meer drugs graag”, aldus Vlaeminck, die duidelijk veel meer doet meer dan de livekracht te vertalen naar plaat. Het zegt meteen veel over de werkwijze van de band: vertrekken van uitgepuurd basismateriaal.

Schrijven is schrappen

“We waren vroeger nogal geneigd om onze songs nogal vol te proppen. Wouter heeft daar bij de vorige opnames hard in gesneden, ditmaal hebben we het zelf al gedaan tijdens de preproductie. We vertrokken vanuit korte riffs, het fundament, en daarop gingen we verder bouwen zonder te veel opsmuk. We zijn dus beter voorbereid dan bij de vorige plaat”, aldus De Potter. “Ik denk dat er nog meer gevoel in de nieuwe nummers zit. Duistere sfeer is misschien wel de beste rode draad.”

Zijn er ook nieuwigheden, zoals die drumcomputer die aan het tikken is? Van de Velde relativeert: “Dat idee is hier gewoon on the spot ontstaan, net zoals “That Woman” op onze eerste plaat. En misschien gaan er straks nog dergelijke dingen gebeuren.” Terug naar de essentie. Dat krijg je bij een studio-ervaring met Falling Man. De band is live een gevaarlijk kolkende vulkaan, maar is ook graag bezig in de studio. En niet alleen geconcentreerd en geduldig, ook zonder oorkleppen. “Het is niet omdat je nummers al live gespeeld hebt, dat ze meteen op plaat werken. Je wordt in een studio uit je comfortzone getrokken. En soms moeten ingrepen gebeuren, zodat ze toch werken in de studio.” Of ze daardoor moeilijke momenten kennen? “Die heb je net gemist”, lacht Van De Velde.

L’art pour l’art

Moeilijke tweede? Voor De Potter is dat een idiote stellingname. “Ik denk dat dat vooral geldt voor bands die bij hun debuut de hemel in geschreven werden en veel succes kenden. Dat ze een tweede moeten maken die dat succes evenaart of overstijgt, dat heeft meer te maken met verwachtingen van -- misschien -- platenfirma's en bobo's die aan de touwtjes trekken. Wij trekken ons daar eerlijk gezegd niets van aan. Wij maken muziek bij gratie van de muziek of zoiets.” En het juiste gevoel? Bij Falling Man is dat de essentie. De Potter: “Catchy hooks of superstrakke gitaarpartijen, allemaal goed en wel, maar er moet wel gevoel in zitten.”

De juiste feel meegeven: daarvoor is Vlaeminck de geknipte persoon. “Het is goed om een strenge producer te hebben. Hij zoekt mee naar de sweet spot”, aldus De Potter. “Soms maakt een fractie van een beat een wereld van verschil. Zit de groove niet juist, dan kan een fantastische song als een kaartenhuis in elkaar storten.” Van de Velde: “Veel hangt af van het moment. Vorige week hebben we een halve dag gezwoegd om een eenvoudige song op tape te krijgen, en stond een andere song er in één take op.” Ondertussen weerklinkt de motorische beat weer uit de drumcomputer. Daarop trekken Sileghem en Van de Velde gewillig de opnameruimte in met enkele orders van Vlaeminck -- volgens Van De Velde de “Tony Visconti van Sint-Amandsberg”. Geen lastige band vol koppige ego’s: ook dat is Falling Man.

Huiswerk

Ondertussen luistert De Potter, die wacht tot hij de drums kan inspelen, mee. “2016 was een boeiend voorbereidingsjaar. We hebben niet alleen veel gerepeteerd, maar ook veel live gespeeld. Ik denk dat we nu echt onze vorm gevonden hebben. We hadden drie, vier nieuwe nummers al live gespeeld. Voor een publiek songs testen is een goeie graadmeter voor wat werkt en wat niet.” Sommige nummers zullen niet onbekend in de oren klinken. Een dik jaar geleden trok Falling Man in afzondering naar het buitenverblijf van fotograaf Dirk Braeckman aan de Oosterschelde. Een weekend spelen en drie keer pasta op het bord. En dan is er nog Louwyck. Louwyck werkt zeer intuïtief en laat de muziek op zich inwerken. “We hebben Sam weinig gezien afgelopen jaar”, aldus De Potter, “maar we zijn het zo gewend. Sam heeft niet veel input nodig om een song te geven wat die nodig heeft. Hij zingt zoals hij acteert, vanuit de buik.”

Vlaeminck is ondertussen tevreden met het voorlopige resultaat van “Rebels Rebuild”. “Een No Age/Sonic Youth-feel”, werpt hij op. Het doet De Potter wat denken aan Deerhunter. Ondergetekende moet dan weer denken aan METZ, zoals het T-shirt van Sileghem schreeuwt. “Schrap die namen maar”, aldus Van de Velde. “We willen niemand op het verkeerde spoor brengen.” Maandag 23 januari, een sms’je van De Potter. “De ruwe mixes heeft iedereen mee naar huis. Op 1 februari gooien we de andere zangpartijen erop. Het belooft veel goeds, maar er kan nog veel aan veranderen.” Ondertussen zien we op de Facebookpagina van Falling Man foto’s van een Hammondorgel passeren. Van de Velde heeft misschien wel gelijk: schrap bovenvermelde referenties maar.

Op 15 maart treedt Falling Man op in café Afsnis in Gent.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Falling Man