Banner

Ian Clement

''Ik heb geen plaat voor koppeltjes gemaakt''

Lennert Hoedaert  - 18 maart 2013

2012 was een topjaar voor Wallace Vanborn, maar 2013 lijkt het jaar te worden van zijn frontman Ian Clement. Enola praatte met de welbespraakte verschijning -- in realiteit de rust zelve, in tegenstelling tot wanneer hij als zanger zijn duivels ontbindt op een podium -- over zijn solodebuut Drawing Daggers, dat al dankzij twee voortreffelijke singles al heel wat buzz veroorzaakte. Maar Clement is niet van plan om Wallace Vanborn op te geven, integendeel. "Ik wil zo veel mogelijk optreden, het liefst met de twee bands door elkaar."

enola: Drawing Daggers klinkt veel warmer en rustiger dan alles wat je met Wallace Vanborn uitbracht. Er zit veel minder woede in. Tijdens het beluisteren van de plaat, had ik goesting om mijn vriendin vast te pakken, terwijl Wallace Vanborn een band blijft om met maten serieus uit de bol gaan.
Clement: "Ik snap wat je bedoelt, maar het is niet dat daar bewust voor gekozen is. Ik heb geen plaat voor koppeltjes gemaakt. Maar de plaat is inderdaad donkerder, verhalend, zachter en intiemer. Ik heb wel al gemerkt dat mijn solonummers ook aanslaan bij meisjes en vrouwen. Wallace Vanborn trekt een vooral mannelijk publiek aan."

enola: Had je na twee platen en honderden optredens met Wallace Vanborn nood aan iets anders?
Clement: "Voor Wallace Vanborn ontstond, klooide ik al aan eigen materiaal. De richting die we toen als groep kozen, was iets wat we allemaal wilden. Ik vind het nog altijd zalig om erop los te rammen, maar instinctief heb altijd al andere muzikale takken willen exploreren. Ik ben dus nummers blijven schrijven, zowel akoestische als elektrische."

enola: Was je voordien niet klaar om solo te gaan?
Clement: "Ik ben van het principe slow but steady en dat is heel schaars in de muziekindustrie de laatste tijd. En opnieuw is er dat instinct. Met Wallace Vanborn heb ik eerst drie e.p.'s en twee demo's gemaakt, vooraleer die eerste plaat er was. Ik had voorzichtig al wat solodemo's gemaakt, maar ik wou die niet laten horen, voordat ze echt klonken hoe ik het wilde."

enola: Op Lions, Liars, Guns & God is ook al een akoestisch te vinden. Gaf je met "Pawns" al een subtiele hint voor je solonummers?
Clement: "Misschien wel. Maar het was vooral David Bottrill (producer, nvdr) zijn idee om op de plaat de agressie te breken. Tussen de takes van de plaat door was ik bezig met akoestische nummertjes. Het riedeltje van "Paws" is letterlijk tussen de soep en de patatten ontstaan. Ik ben David nog steeds dankbaar om het nummer te helpen uitwerken. Het is een heel mooi moment op de plaat."

enola: Schrijf je solo op een andere manier nummers dan bij Wallace Vanborn. Ik las in een interview dat je eerst een nummer uitwerkt en dan pas de tekst verzint.
Clement: "Ja en nee. Voor mij begint het altijd bij een simpel riedeltje. Dat kan een gitaarriff, baslijn of bepaald ritme zijn. Mijn solonummers begonnen ook allemaal zo. Zo kom ik bij een stripped-down versie van een nummer op zang en gitaar. De opvulling daarvan gebeurt door samenwerking met muzikanten. Peter (Obbels, producer) heeft me daarvoor ondergedompeld in een nieuwe wereld. Muziek als iets organisch, iets dynamisch, duw- en trekwerk. Ik was voor een rechttoe rechtaan aanpak gewoon: dat is leuk, maar dat is maar een muzikaal facet."

enola: Producer Peter Obbels speelde duidelijk een belangrijke rol op de plaat. Beschouw je Ian Clement als een soloproject of toch als een band?
Clement: "Daarover heb ik het al eens gehad met mijn bandleden. (zoekt zijn woorden) Enerzijds is het een soloproject omdat mijn verhaal naar voren wordt gebracht. Anderzijds waren de producer en andere muzikanten zo intens betrokken bij de plaat, dat het minder een soloproject is in vergelijking met Wallace Vanborn, waarbij ik met een kleinere bezetting werk. Er hebben elf of twaalf mensen meegewerkt aan de plaat."

enola: Is het moeilijk om je aan te passen aan de agenda van de gastmuzikanten?
Clement: "De muziekindustrie in België draait op gunsten. Ik verwacht niet dat iedereen alles laat liggen om bij mij te spelen. Ze hebben ook nog hun eigen leven, niet alleen in andere groepen, ook kindjes en zo. Maar ze geloven zeker in naar de toekomst. Ik wil zo veel mogelijk optreden, met de twee bands door elkaar liefst."

enola: Kan je makkelijk switchen tussen Wallace Vanborn en je solo-optredens?
Clement: "Toen ik recentelijk ging van een soloshow in Londen naar een Wallace Vanborn-show in Maastricht naar een soloshow met een voltallige band in de AB, besefte ik dat het switchen in het kopke moeilijk is. Maar van zodra de eerste twee nummers gepasseerd zijn, deed het zoveel deugd om te spelen."

enola: Wat ga je doen als je soloproject zodanig veel tijd zal opslokken?
Clement: "Het gaat snel, ik weet het, maar dat is goed. Ik heb een manager, maar ik blijf mijn eigen baas. Ik heb altijd mijn instinct gevolgd, ik wil niet alleen doen wat de manager zegt. In de ene groep speel ik om mij te bevrijden van het een, in het andere project speel ik voor iets anders."

enola: Leg uit. Bevrijdt Wallace Vanborn je van negatieve gevoelens en frustraties?
Clement: "Het bevrijdend gevoel komt ook door de verschillende podiumervaring. Als ik met vijf man solonummers breng, moet ik heel berekend en voorzichtig te werk gaan. De muziek is zeer dynamisch, ze gaat op en neer. Met Wallace Vanborn optreden, dat is een uur fysiek afzien. Maar die optredens werken wel reinigend ."

enola: Ik neem dat aan er tussen een David Bottrill en Peter Obbels ook een verschil in hun manier van werken is?
Clement: "David is hyperprofessioneel. Van zodra hij een studio binnenstapt, weet wat hij moet doen. Zijn sound klinkt natuurlijk zeer hifi en in-your-face. Peter Obbels pakt alles zeer rustig aan. De basistracks nam hij op met Karel (Debacker, drummer, nvdr) en mij. Daarop werden bas en piano toegevoegd. Vervolgens hebben we heel lang laagjes geselecteerd? Peter is nogal hippie, een beetje een dinosaurus. Hij neemt zijn tijd om op zoek te gaan naar de juiste toon. Daarom is er ook heel lang aan de plaat gewerkt. Mijn plaat was ook het laatste wapenfeit in zijn studio. Het moest de hoofdschotel worden."

enola: Je hoort dat er veel tijd in de plaat gestoken is. Hij klinkt allesbehalve dwingend.
Clement: "Dat is volledig Peter zijn verdienste. Er is zo veel tijd ingekropen, maar toch hangt er nog steeds iets spontaan aan. De plaat bloeit helemaal open. Puur vakmanschap van hem."

enola: Is er ook veel tijd in de teksten gekropen? Het sterkste eraan is dat je de letterlijke betekenis niet kan achterhalen.
Clement: "Dank u, dank u. Ik vind het mooiste om teksten te schrijven met een bepaalde insteek, met bepaalde overkoepelende thema's die toch wel herkenbaar zijn. Aan de zinsnede "Broken bones, I witness again" kan je de waarde hechten die jij wil. Je bent welkom in mijn wereld. Als je er iets in wil zoeken, doe dat dan. Sommige van mijn teksten veranderen wel van betekenis, omdat ik de ene dag een andere denkwijze heb dan op een andere dag."
"The Hammer And The Nail" gaat over het feit dat het elk moment kan gedaan zijn met het leven, wij zijn allemaal dieren. "Fight the horde, scratch the nails. Beware the charging lion's tails": dat gaat over doorzetten, niet opgeven. Ik zing ook: "In all the blackest of the blues". Ook als het donker wordt, mag je niet opgeven. Omdat het op elke moment kan gedaan zijn, moet je juist doorzetten in het leven."

enola: "Interview" gaat over een oude man die het aan het opgeven is. Als je de teksten aan het lezen bent, lijkt het of je het enorm spijtig vindt dat die man alles aan het opgeven is?
Clement: "De boodschap is iets genuanceerder. Het nummer gaat over een man die denkt dat hij weet wat de wereld allemaal te bieden heeft. Alles is saai, dentkt hij, en dat is spijtig. Zelfs voor mijn leeftijdsgenoten is het moeilijk om het goede te zien in de wereld. Het nummer gaat dus over het weten dat je niet weet wat de wereld te bieden heeft. De boodschap geldt eigenlijk voor iedereen."

enola: Zijn er nummers die echt autobiografisch zijn?
Clement: "Er zit altijd een persoonlijke insteek in mijn teksten. De thema's waarmee ik werk, liggen mij nauw aan het hart. De teksten die ik erover schijf, vertrekken daarom niet vanuit mijn perspectief. "The Great Escape" heeft wel een zeer concrete betekenis. Dat nummer heb ik geschreven voor een vriend die zijn vader verloren heeft. Maar enkele maanden geleden is ook mijn vader gestorven. Zo'n nummer krijgt dan een eigen leven en nieuwe diepten, vooral als ik op een podium sta. Dan ik weer: 'here we go'. Het is een van de weinige nummers waarin ik zeg wat ik te zeggen heb, zonder er te veel doekjes om te winden."

enola: Het is weinig muzikanten gegeven om als debutant op tour te gaan met een van de hotste artiesten. Trixie Whitley is een klinkende naam, jouw soloplaat is nog niet eens verschenen. Hoe reageerde het Europese publiek?
Clement: "Er was maar één show waarbij de reacties lauw waren. Dat was in Hamburg. Toen heeft Trixie ook een preek afgestoken tegen een deel van publiek, omdat heel wat concertgangers ook tijdens haar set onrustig waren. Als iedereen iets heeft van 'fuck dat', begin ik nummers voor mezelf te spelen. Ik laat het niet aan mijn hart komen. Maar als er vijftig man van voor staat voor het concert en de rest vanachter er weinig zin heeft of rumoerig is, is het lastig om op te treden."
"Voor de rest heb ik wel een paar zotte momenten beleefd. Frankfurt was zeer goed, in München was 400 man muisstil. Als je elke nuance in je stem en spel hoort, is dat wel 'wow'. Zoiets geeft een heel krachtig gevoel. Van mijn optreden Londen was ik ook serieus verschoten. Als je het in Engeland wil maken, moet je normaal gezien gigantisch veel geld en een serieus plan hebben. Een Duitser heeft eerder iets van: 'oh, mooi!'. Het Britse publiek luistert echt naar je teksten. 'Wat is die allemaal aan het zeggen en zingen? Ik snap het niet zo goed', zie je ze denken. Op die manier heb je ze vast en luisteren ze mee. Dat was wel een kleine overwinning voor mij."

enola: Hoe voelde je je in het grote Londen, zonder begeleidingsband op een podium?
Clement: "Helemaal solo optreden is gaandeweg een gewoonte gevonden. De eerste keer dacht ik 'slik, hier gaan we', maar nu stap ik gewoon het podium op. Solo optreden, is ook een goede leerschool. Maar ik blijf gewoon mijn instinct gevolgen, "The Hammer And The Nail". Ik ben niet bang voor een uitdaging en wil er altijd voor gaan, want het kan plots gedaan zijn. Zo ben ik in alles wat ik doe."

E-mailadres Afdrukken