Banner

The Kids

''Ik zit tegenwoordig meer in de fitness dan in de kroeg''

Matthieu Van Steenkiste - 26 september 2018

Geen punker die er ooit aan dacht dat het grapje zo lang zou duren, maar er is geen ontkennen aan: het liedje is nog altijd niet uit. De hoofden blinken meer dan vroeger, de buiken zijn er naar, maar ook na veertig jaar zijn The Kids zijn nog altijd een niet te negeren force-de-frappe. Speciaal voor de gelegenheid bracht het Antwerpse label Starman de twee eerste platen van het gezelschap opnieuw uit. "Wat ons Antwerps maakt? Punk is iets van de dokken", lacht frontman Ludo Mariman.

enola: Veertig jaar The Kids; dat zag je waarschijnlijk niet aankomen toen je er aan begon.
Ludo Mariman: (grijnst) "We bestaan zelfs al 42 jaar, maar het is dit jaar veertig jaar geleden dat we onze eerste twee LP's uitbrachten. Subtiel verschil. Maar natuurlijk had ik nooit kunnen denken dat we zoveel jaar later nog altijd zouden meedraaien. Ik ben daar niet rouwig om. (lacht) Zelfs al is het harder werken dan vroeger: ik moet er meer voor laten en meer voor doen om nog energieke optredens te kunnen geven. Zwaar uitgaan na een optreden, en op nauwelijks een paar uur slaap naar het volgende doorgaan zit er niet meer in. Ik zit tegenwoordig meer in de fitness dan in de kroeg."

enola: Weet je nog wanneer je het punkvirus te pakken kreeg?
Mariman: "Dat was een optreden van Eddy & The Hotrods in Londen. Achteraf beschouwd was dat eerder een pubrockgroep, maar toen werden die bij de punk gecatalogeerd, en het is daar dat ik voor het eerst de energie van zo'n band en zo'n publiek voelde. Daarna kwam de eerste plaat van The Ramones, en dat interview met hen waarvan de titel ging 'Wij kunnen niets, maar dat moet kunnen'. Dat was de spirit. Tot dan had je Pink Floyd, Genesis, al die progressieve rockgroepen met dure producties en veel instrumenten, waardoor muziek maken voor gasten als ons iets onbereikbaars leek. Kwamen daar die Ramones met hun simpele nummers van twee-drie minuten, zonder solo's. Dat legde de lat heel laag, en dat is voor mij de definitie van punkrock: iedereen kan drie akkoorden leren en op een podium klimmen. Het was een afzetten tegen de vorige generaties, iets dat van alle tijden is. Droegen de hippies hun haar lang en naar beneden, dan wij kort en naar boven. Zij 'make love not war', wij 'no future'."

enola: Waar luisterde je naar voor je van je paard werd gebliksemd?
Mariman: "The Rolling Stones en The Beatles. Mijn eerste singletje was "Eloise" van Barry Ryan. Maar eigenlijk speelde mijn jeugd zich vooral op het voetbalveld af. Mijn idool was George Best van Manchester United; de 'vijfde Beatle', zoals hij al eens werd genoemd. Muziek kwam pas in beeld tijdens mijn legerdienst, toen ik iemand gitaar zag spelen en dat ook wilde kunnen. Op verlof zag ik op televisie vervolgens Lou Reed, ten tijde van Transformer, en dat was helemaal ongelofelijk. Toen leerde ik Velvet Underground kennen, toch ook een prepunkband: heel erg moeilijk is dat niet, je kunt meteen meespelen, maar het is wel intrigerend."
enola: Zelfs voor The Kids gaat dus die uitspraak op dat The Velvet Underground dan wel geen platen verkocht, maar iedereen die hen hoorde wel zelf een band begon?
Mariman: "En dat gaat ook op voor punkrock. Ook toen schoten er plots allemaal groepjes uit de grond, vanuit dat idee 'dat kan ik ook'. Zoiets stimuleert. En dan kwam daar al snel een soort esthetiek bij, maar die was veel kleurrijker dan het zwartzakkenbeeld dat nu overheerst. Iedereen maakte zijn eigen kleren, met veel kleuren – neon vooral – en inbreng."

enola: Jij liep echter al snel rond met een hondenketting rond je nek.
Mariman: "Dat was ook een manier om te provoceren. We speelden in die tijd veel op vrije podia, waar we steevast tussen van die rhythm-'n-bluesbands en jazzrockgroepen stonden, met hun lange haren en jeansvestjes en nummers van tien minuten inclusief drum- en gitaarsolo. En dan kwamen wij met ons drieën, die daar op alle manieren mee contrasteerden: die hondenketting, sleutel in je oor, provocerend gedrag op het podium. We vielen op: onze basssist was twaalf, onze drummer zestien, en ik eenentwintig."

enola: Marc Didden schrijft in het cdboekje: 'The Kids kwamen van Antwerpen omdat ze van nergens anders konden komen.' Wat maakte jullie specifiek Antwerps?
Mariman: "De mentaliteit van een Antwerpenaar misschien, maar ook de nabijheid van de dokken. Je ziet dat ook in de Engelse maatschappij, die heel klassengericht is: als je van arbeidersafkomst bent, kun je het alleen maken als voetballer of in de muziek. Mijn broer is ook voetballer geworden, ik ben in de muziek geëindigd; je kunt de vergelijking maken met andere havensteden als Liverpool., waar ook een dokkencultuur aanwezig was. Ook ik ben ook van de dokken afkomstig hé, vergeet dat niet."

enola: Punk draaide om woede. Waar kwam die van jullie vandaan?
Mariman: "Dat zat helemaal in die tijdsgeest hé. De jaren zestig waren ongelofelijk opwindend geweest, met een jeugd die ontwaakt was, en zich losgemaakt had van kerk en staat. Alles had op zijn grondvesten gedaverd, tot in 73 de oliecrisis losbarstte met zijn hoge werkloosheid en inflatie, en het feestje voorbij was. Het werd meteen een ander decennium, vandaar heel die sfeer van kwaadheid en 'no future'. Voor het eerst in jaren ging het economisch slecht, en zag de toekomst er slecht uit."

enola: De nieuwe uitgave van The Kids en Naughty Kids komt uit op Starman. Jullie zoveelste platenfirma?
Mariman: "Zo gaat dat hé. Je bent nooit voor eeuwig bij een label, en dit is ook echt een samenwerking voor dit project. Er komen geen andere platen aan. Het is voor ons in deze periode veel belangrijker om op te treden dan nieuwe platen te maken. Maar goed, die veertigste verjaardag was natuurlijk een mooie gelegenheid. Ik kan er inkomen dat er dan interesse voor zoiets is, maar voor ons is het veel belangrijker dat wij onder de radar ons ding kunnen blijven doen, zowel in binnen- als buitenland. En het is maar goed ook dat het buitenland nog geïnteresseerd is, of we zouden niet meer bestaan. Het buitenland is de motor die ons draaiend houdt. Als je elk jaar een rondje Vlaanderen doet, en voor de zevenentwintigste keer op dezelfde plaats staat, dan blijft het niet echt boeiend. Buiten België staan we doorgaans ook voor een echt punkpubliek, wat toch voor een andere beleving zorgt dan als we op een algemeen festival staan. Dan staan er soms mensen te kijken zoals een koe dat naar een trein doet. Men wil hier "There Will Be No Next Time" horen, over de grenzen komt men voor die eerste twee platen. Dat is een andere insteek."

enola: Voel je verwantschap met andere Belgische bands?
Mariman: "Niet echt. We voelen ons The Kids, en that's it. Verder denken we daar allemaal niet al te hard over na. We spelen graag, en willen dus zoveel mogelijk blijven optreden zolang dat fysiek kan. Zolang we geen typische muzikantenziektes als artrose of reuma oplopen, gaan we nog wel even door. Ik heb daarbij trouwens het geluk dat ik in open tuning speel: met één vinger.; Aals één vinger ooit uitvalt, speel ik wel gitaar met een andere. Ik kan nog even voort, dus."

enola: Ik heb het altijd vreemd gevonden dat jullie nooit meer een nieuwe plaat hebben gemaakt sinds jullie in 1996 ontdekten dat er wel degelijk nog een publiek voor The Kids was.
Mariman: "We hebben nog wel eens een single uitgebracht in 2005, "Liberty & Democracy", maar toen had ik al door dat je daar vooral veel geld en tijd insteekt. Je staat één of twee weken in de belangstelling, en dan is het voorbij, en zit jij met een financiële put. Het is me die energie niet waard. En daarbij: als ik opnieuw muziek voor The Kids zou maken, zou dat nooit meer klinken als vroeger, want ik ben ook ouder geworden. En proberen zoals toen te schrijven zou ook maar gewoon mijn jongere ik na-apen zijn. Ik heb voor mezelf de conclusie gemaakt dat ik genoeg muziek heb geschreven: vijf of zes LP's met The Kids en nog vijf solo, en dan zwijg ik over enkele nevenprojecten. Ik wil er nu gewoon van genieten door op te treden. Mensen willen sowieso gewoon onze twee eerste platen horen; dat zijn in zijn genre wereldwijde klassiekers geworden die ze van Spanje tot Istanboel meebrullen. Als je daar een nieuw nummer tussensmijt, staat men toch maar te wachten tot we weer aan "Money Is All I Need" toe zijn om opnieuw in gang te schieten. Ik wéét dat toch?"

enola: Punk was de soundtrack van de crisis van de jaren zeventig. Heb je tijdens de afgelopen financieel-economische crisis het gevoel gehad dat er een gelijkaardige soundtrack ontbrak?
Mariman: "De nieuwe punk moet je bij de jeugd zoeken, en dan kom je al snel bij hiphop uit. Dat wil niet zeggen dat punk weg is, maar elke generatie heeft zijn eigen genre dat zegt 'hier zijn wij, uit de weg'. (lacht) Zo is het altijd zo geweest: Elvis Presley heeft ook Frank Sinatra opzij geduwd, waarna The Beatles hem van het podium duwden, en ga zo maar door. Maar rock-'n-roll bestaat ook nog, The Beatles zijn niet weg,… Dus dat gezegd zijnde: zeker in het buitenland hebben we ook nog veel jongeren in het publiek, zo weet ik dat we nog relevant zijn. Gelukkig maar, want anders ben je ook alleen maar op een nostalgietrip."

enola: Tot slot: jullie hebben doorheen de jaren in het voorprogramma van vele groten gestaan, gaande van Patti Smith tot The Sex Pistols. Wie van hen heeft het meeste indruk op je gemaakt?
Mariman: "Ons eerste grote optreden was in de Roma voor Iggy Pop; dat was onvergetelijk. Het was de eerste keer dat we zo'n voorprogramma mochten doen, in onze thuisstad met een Iggy Pop op het toppunt van zijn kunnen; dat was echt een geweldige belevenis. We hadden nog niet het gevoel dat we het gemaakt hadden, maar plots kregen we wel door dat het er in zat, en dat we ergens naar toe gingen."

E-mailadres Afdrukken