Banner

Dead Can Dance

Bart Walravens - 19 maart 2005

Bijna tien jaar hebben we moeten wachten op een teken van leven uit het Dead Can Dance kamp. Soloprojecten van zowel Brendan Perry en Lisa Gerrard waren vaak prachtig maar iedereen hoopte stiekem dat ze snel terug de handen in mekaar zouden slaan. Eindelijk dus!
Er was weinig ruchtbaarheid gegeven aan de tournee. De tickets konden besteld worden voor er zelfs op de officiële website nog maar sprake was van een tournee. Het Paleis voor Schone Kunsten was dan ook in héél korte tijd uitverkocht. Net zoals bij Tom Waits was dit optreden voor de happy-few weggelegd.

Zoals altijd was de podiumopstelling bij Dead Can Dance één bonte chaos van verschillende percussie-instrumenten, gitaren, keyboards, enkele dulcimers en één draailier. Jammer genoeg waren er geen blazers van de partij, zodat de machtige dudukmelodieën die nummers als 'Saltarello' dragen, uit de sampler kwamen. En dat hoor je er helaas aan.
Niet dat er niet genoeg volk op het podium rondliep. In haar knalgele gigantische jurk - kan er iémand in godsnaam eens gaan shoppen met dat mens? - stak Lisa Gerrard af tegen de rest van de zeskoppige begeleidingsgroep, die tussen elk nummer door zoals altijd een hele resem instrumentwissels moest afleggen. Wie even niks te spelen had, kreeg op z'n minst een shaker in z'n handen geduwd. Bij Dead Can Dance moet je werken voor je geld!

Begeleid door twee keyboardspelers en drie drummers gingen Perry en Gerrard van start met enkele nieuwe nummers! Het geluid was aanvankelijk beter dan op het gemiddelde rockconcert en de kleine schoonheidsfoutjes werden snel weggewerkt. Wat me meteen trof was de unieke sfeer die de hele avond uitademde. Je was net aanwezig bij een klein ritueel. Na elk applaus kon je een speld horen vallen in de zaal. Adembenemend.
Heel vroeg in de set kregen we al een prachtige versie van 'The Ubiquitous Mr. Lovegrove' voorgeschoteld. Brendan Perry was hoorbaar goed bij stem: zijn diepe bariton droop van de energie en het kippenvel kroop tot in m'n nek! Grote klasse die goed geconserveerd werd. Perry ziet er nu uit als de tweelingbroer van Peter Gabriel, met weinig haar en een klein sikje, maar zijn stem klinkt als nooit tevoren als een klok.

En dan was er Lisa Gerrard. Dat deze frêle bloem zonder verpinken of blozen een dergelijke hoeveelheid aan nuances in haar stem kan leggen is méér dan een bewijs van haar uniek talent. Als Lisa zong werd de hele zaal als in een trance meegezogen in het ritueel dat ze met haar stem opriep. Je kan amper geloven dat een mens zo kan zingen: in haar timbre hoorde je engelen en demonen het uitroepen. Moeiteloos gaat Lisa over van Arabeske gezangen naar Engelse folkmelodieën ('The Wind That Shakes the Barley') om in het laatste bisnummer een doorrookte jazzzangeres neer te zetten die in een vuile jazzkroeg een laatste nummertje brengt.

Als ze niet zingt, speelt Gerrard ondermeer feilloos op een soort Chinese dulcimer of geeft ze gewoon om de vier maten één klein accentje met twee piepkleine vingercymbalen, terwijl ze haar blik verankert in het publiek. Zelden iemand zo intens z'n eigen muziek zien beleven
We kregen een prachtige best of voorgeschoteld, waar op z'n minst vijf nieuwe nummers tussen werden gespeeld. Als er al een nieuwe CD aankomt, wordt het in elk geval een pareltje. Het accent van het oude materiaal lag voornamelijk op 'Into the Labyrinth', met nummers als 'Yulunga', het titelnummer, 'The Wind That Shakes the Barley', en een ingekorte versie van 'How Fortunate the Man With None'. De nagenoeg perfecte uitvoeringen van 'Severance' of 'Saltarello" werden simpelweg op gejuich onthaald! Twee uur duurde dit onbeschrijfelijk mooie concert. Tot driemaal toe werd de band met een staande ovatie teruggeroepen. Gerrard en Perry genoten zichtbaar van de appreciatie. La Gerrard werd naar het einde toe één en al glimlach en liet de stijve tante even achterwege. De band leek niettemin nog wat onzeker. Her en der kropen enkele schoonheidsfoutjes in de uitvoering of raakten de muzikanten elkaar gewoonweg kwijt. Je vergeeft het ze met plezier, wie niet in trance geraakt van dit soort muziek moet de batterijen van z'n aura vervangen.

Wie ooit de kans krijgt om Dead Can Dance aan het werk te zien ,kan zich verzekeren van twee fantastische stemmen met een intensiteit die uw BW daags nadien nog altijd kippenvel bezorgen. In één woord: magistraal!
E-mailadres Afdrukken