Banner

Deerhunter

21 mei 2013, AB

Koen Lauwers - foto's: Wim Jammaer - 22 mei 2013

Deerhunters laatste worp Monomania is volgens hoofdman Bradford Cox “een kleine punkshow die zichzelf niet al te serieus neemt”. Het vijftals recentste passage door Brussel zo omschrijven, is de groep echter oneer aandoen; de Southerners bewezen nogmaals dat ze ook zonder pokkeherrie als pep sterk kunnen presteren. Maar deze doortocht een dijk van een concert noemen, dat zou de band dan weer te veel eer aandoen.

Voorprogramma His Clancyness zette al het laatste nummer van zijn set in toen we de zaal binnen stuikten en het moet gezegd, op basis van dat ene nummer bevelen we dit soloproject van de Canadese Italiaan Jonathan Clancy warm aan. Bijgestaan door een toetseniste, bassiste en een drummer trakteerde de zanger-gitarist het publiek op een bluesy krautrock-kraker die niet zou misstaan op Soul Jazz Records’ verzamelaar Deutsche Elektronische Musik (onmisbaar voor liefhebbers van experimentele rock en krautrock uit de seventies). Clancy tekende voor de opvolger van Always Mist (2010) bij het gerenommeerde Fat Cat Records en tegen onze gewoonte in kijken we nu al (een klein beetje) uit naar de herfst; tegen die tijd zou het nieuwe album in de winkelrekken moeten liggen.

Minder enthousiast waren we over Deerhunters eerste halfuur. Comme d’habitude sneden Cox en zijn gabbers de set aan met een langgerekt, aanzwellend klanktapijt; tape echo-achtige effecten kolkten er als een mini-wervelwind in rond om het publiek dan plots mee te zuigen in “Cryptograms”. En hoe briljant dat nummer op het gelijknamige doorbraakalbum ook mag klinken; de song miste die avond de panache om de toeschouwers meteen overstag te doen gaan. Dat gold trouwens ook voor Weird Era Continueds “Focus Group” en het uit Halcyon Digest gepuurde duo “Don’t Cry” en “Desire Lines”.

Opvallend was dat het door het vijftal beproefde recept “men speelt sets van twee tot drie nummers aaneen gebreid door stukjes ambient waardoor er concertjes binnen het concert ontstaan” in de keukenkast van wijlen John Stith Pemberton (de uitvinder van Coca-Cola) bleef. Daardoor miste de uit individuele nummers gebricoleerde set een flow die van voorgaande zo’n roetsjbaan maakte; Deerhunter piepte en kraakte. En ook het nagelnieuwe “The Missing” was niet de olie die de machine soepeler deed marcheren, want hoe straf het nummer ook klinkt op plaat, Lockett Pundt zong het live de mist in.

Maar dat bleek wel de aanzet voor een sterkere periode waarin nieuw werk met meer vuur in de vingers de zaal werd in gepleurd. En werd een sterk “Pensacola” -- tot Cox’ eigen (gespeelde?) verbazing -- enthousiaster dan anderen onthaald, net als uitmuntende versies van “Dream Captain”, “T.H.M.” en “Agoraphobia”. De groep bleek dinsdagavond dus een diesel die het niveau gestaag naar omhoog trok om er na anderhalf uur met een uitgesponnen “Ghost Outfit” toch een roodgloeiend uitroepteken achter te zetten.

Een blitzkrieg was dit concert dus niet, maar het pleit voor Cox en de anderen dat ze (hoewel de nieuwe deuntjes zich daar perfect toe lenen) noise en feedback aan de ketting legden en de nummers op zich lieten primeren. De lawaaierige, soms ondoordringbare klank van weleer moest wijken voor meer muzikaliteit. En wie kan daar nu bezwaar tegen hebben?

E-mailadres Afdrukken
 
Deerhunter

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST