Banner

Too Noisy Fish + De Beren Gieren

3 oktober 2013, Handelsbeurs

Guy Peters - foto's: Geert Vandepoele - 04 oktober 2013

Gouden dagen voor de Belgische jazz. De jonge garde laat steeds nadrukkelijker van zich horen en met de gelijktijdige release van Fight Eat Sleep (Too Noisy Fish) en a raveling (De Beren Gieren) krijgen we er in een beweging twee kleppers bij die tot het beste van het Belgische jazzjaar behoren. Kortom: je trekt dan met hoge verwachtingen naar die dubbele albumvoorstelling. Groot is dan ook de voldoening als je achteraf kan vaststellen dat die verwachtingen moeiteloos overtroffen werden.

“Jazz is niet meer gevaarlijk”, geeft pianist Peter Vandenberghe gespeeld teleurgesteld mee aan het begin van het concert van Too Noisy Fish. Dat is immers de conclusie van een recent gepubliceerde studie over een voorkeur voor genres op jonge leeftijd en de levenspadconclusies die daar al dan niet aan gekoppeld kunnen worden. Het belet hem niet om al even gortdroog “Necrophilology” aan te kondigen, een hoogtepunt uit het nieuwe album waarvoor het trio de eindscène uit Tarkovsky’s klassieke Stalker gebruikt. En ja hoor, het bewuste fragment wordt ook live gebruikt en de uitvoering zorgt opnieuw voor een (vroeg) hoogtepunt. Maar dit ‘requiem voor de jazz’ is deze keer ook wat weerbarstiger, wordt halverwege even uit elkaar gerukt voor een stukje geschraap en geratel, om vervolgens over te gaan in die al even donkere tweede helft.

En ‘overgaan’ is hier misschien wel het sleutelwoord. Too Noisy Fish is er niets aan gelegen om klassieke jazzriedels te combineren met boud bonkende passages en de ritmische verwarring van een drummer die waarschijnlijk een zo goed als onuitputtelijk arsenaal aan grooves in z’n polsen heeft, maar voortdurend in de weer blijft met versnellen en vertragen, toevoegen en ontmantelen en bijkleuren met eindeloze variaties. De stukken worden ook een paar keer aan elkaar genaaid. Zo steekt “Bring It Home” ineens de kop op met dat gestoot en geratel en wordt er ruimte ingelast voor een heftig chaosmoment, waar dan weer “Oh God” uit voortvloeit, een stuk waarin Vandenberghe zich toont als een galapianist die in een bruine kroeg belandde.

De chronologie wordt verder overgenomen van het album: “In Dust We Trust” laat horen hoe een compositie volledig opgebouwd kan worden rond één noot, en het is ook daarrond dat het trio een dansje uitvoert dat bij momenten haast cartoonproporties krijgt. Daarna gaat het er even wat traditioneler aan toe. Alhoewel, met z’n tricky timing kan je het snedige “Defenestration” (“the art of throwing something out of a window”) moeilijk als doorsnee bestempelen. Wel mooi om te zien hoe de drie door zo’n stuk razen, zeker als je daarna het geduldiger ontvouwende “PTMA” op je brood krijgt. Dat wordt op zijn beurt dan weer gevolgd door de bewerking van Charlie Parkers “Segmented”, die ook al aardig afwijkt van de albumversie.

Slotduo “Turkish Laundry”/“Jazz Invaders” zorgt er eigenlijk voor dat het concert al even contrair wordt afgesloten als het begon. Welke jazzband gaat immers van start met een morbide slakkengang om te eindigen met de bleeps en blops van een antieke game? Too Noisy Fish dus, altijd goed voor een kwinkslag, maar vooral ook voor een gedreven performance van een band die dat tegendraadse eclecticisme als een tweede natuur door z’n bloedbanen stromen heeft. En fans heeft die een breiwerkje meebrengen naar de Handelsbeurs. Behoorlijk indrukwekkend.

Je zou er als tweede act van de avond door uit je lood geslagen kunnen zijn, maar niets daarvan bij De Beren Gieren. Het tweede trio leek vastbesloten om z’n opwaartse mars gewoon verder te zetten. Na een prima debuut, een opgemerkte residentie in de Vooruit en een sterke tweede plaat, viel nu opnieuw het zelfvertrouwen en de souplesse op waarmee het trio stond te spelen. Kon je je hier en daar afvragen of de composities van a raveling live wel even goed zouden werken en met voldoende ballen gebracht zouden worden, dan werden de laatste resterende twijfels nu van tafel geveegd met een bevlogen trioperformance die bij momenten stijf stond van de elektriciteit.

De anticipatie was er misschien wel verantwoordelijk voor dat pianist Fulco Ottervanger opener “Asbrokken” verkeerdelijk aankondigde als “Knalsonate”, al was het eigenlijk ook weer toepasselijk, want de hoekige, afgemeten ritmes doen herhaaldelijk denken aan de robotachtige strakheid van het Nederlandse Knalpot. De Beren Gieren is echter een heel andere band, waarin bonkende jazzpassages soms verrijkt worden met pianowerk dat neigt naar klassieke acrobatie of kortstondige introspectie. Bewandelen de composities regelmatig diffuser paden dan bij Too Noisy Fish, dan is het drumspel van Simon Segers misschien iets rechtlijniger dan dat van Verbruggen, waardoor het de groepsperformance regelmatig een behoorlijk meeslepende en krachtige groove bezorgde.

Ottervanger leek te beseffen dat twee pianotrio’s na elkaar heel wat kan zijn om te verteren (“Kunnen jullie nog?”, vroeg hij al na de opener), maar ging nergens op de rem staan en liet in “Vakantiebestemming” horen dat De Beren Gieren live ook de deuren openzet voor een forsere dosis improvisatie. Mooi om te zien hoe intens de drie opgingen in het samenspel, met Segers die halsstarrig de ogen bleef toeknijpen. ‘Begrafenismuziekje’ “Broensgebuzze VI” gaf even de kans om op adem te komen, pieken gebeurde daarna met de weidse dynamiek van “Slippery men (on the riverbank)” (aangekondigd als “Gladde mannen aan de waterkant”).

De Beren Gieren bewees vooral ook een goede neus te hebben voor een uitgedokterde setlist, want de combinatie van “Ontdekking van materie” en z’n uitbundige pianowerk zorgde voor een mooi contrast met het statiger “Sweet Repose Threat” met z’n dwingende baslijn. “Knalsonate” was dan weer een halsbrekend stukje verkeerschaos en werd mooi gevolgd door het catwalkgetrippel van “Curious Young Women”, terwijl de subtiele exotische insteek en melodieuze rijkheid van “Koekjes ’s nachts” eigenlijk niet zo ver verwijderd was van John Zorns Book Of Angels-albums met hun verleidelijke charme. De publieksreactie was dan ook navenant (niet vanzelfsprekend na twee uur intensief luisteren). Terecht, want De Beren Gieren speelde gretig, avontuurlijk en met een geloof in eigen kunnen dat doorgaans voorbehouden is voor bands die nog wat meer kilometers op de teller hebben. Benieuwd wat dat nog gaat opleveren.

E-mailadres Afdrukken
 
Too Noisy Fish + De Beren Gieren

Uit ons archief
Banner

TEST