Banner

Dropa Disc Fest

14 augustus 2016, Rotkat Sundays/Bar Paniek

Guy Peters - 17 augustus 2016

Wie de vrije improvisatie, de experimentele vleugel van de jazz en andere minder conventionele muziek een warm hart toedraagt, is ongetwijfeld al vertrouwd met het werk dat Sound In Motion de voorbije jaren verzet heeft in Antwerpen. Na een paar mooie Oorstof-concertreeksen, werd de tijd rijp geacht om daar ook een platenlabel aan te koppelen en zo werd Dropa Disc boven de doopvont gehouden. Slapen is immers bijzaak als je ook nuttiger stoten kan uithalen. Om de eerste drie releases in de kijker te zetten werd een heus festival uit de grond gestampt, waar de liefhebbers van het vrije werk weer volop op hun wenken bediend werden.

Misschien nog meegeven dat het label opgericht werd om opnames van zelfgeorganiseerde concerten aan de man te brengen. De eerste release bevat zo het concert dat het Saint Francis Duo (Stephen O’Malley en Steve Noble) gaf tijdens Freakscene’s Summer Bummer in 2014 (incl. foto’s van enola-fotograaf Geert Vandepoele), terwijl de tweede een soloconcert is van percussionist Kris Vanderstraeten uit de Oorstof-reeks. De derde release, tenslotte, is een boek, met foto’s van Hans Van Der Linden, dat een weerslag is van een seizoen concerten en wat daarbij komt kijken, aangevuld met teksten van muzikale gasten (én een knappe grafische score van rietblazer Dave Rempis).

Het charmante DIY-festival, dat gekoppeld werd aan een platenbeurs in de ruime hangar aan de Kattendijkdok, was alleszins een succes. De grote ruimte biedt plaats aan een houten, sci-fi-achtige constructie die fungeert als gezellige club, er was een uitstekend en betaalbaar buffet, en wie wil kon zich op het terras van Bar Paniek vergapen aan de mottige high rises aan de andere kant van het water (“JOEPIE GENTRIFICATIE!”) en het MAS iets verderop. Het festival vond plaats in een ongedwongen sfeer, met een resem concerten die door hun compacte duur en stilistische diversiteit een fraai en verteerbaar geheel vormden.

Het eerste concert dat we meepikten, was meteen een fijne verrassing. Zagen we Bolhaerd een paar jaar geleden nog als kwintet, dan was de band rond drummer Jakob Warmenbol (nog altijd de muzikant met de coolste naam sinds Chaka Khan) nu present als kwartet, met naast de drummer nog de alomtegenwoordig bassist Laurens Smet (niet lang ervoor nog op Jazz Middelheim te zien als lid van de kliek rond Eric Thielemans) en saxofonisten Frans van Isacker (alt) en Viktor Perdieus (tenor en bariton). Van meet af aan werd heen en weer geslalomd tussen aanstekelijke, soms jubelende thema’s à la Ornette Coleman, en uitspattingen waarbij de saxofonisten de mogelijkheden van adem en mondstuk verkenden. Soms eens ingetogen, maar regelmatig ook lekker raggend en stompend, met potig gebeuk van de ritmesectie en met de sjofel swingende hoempapa van “Love And Marriage” als ultieme brokje joligheid.

Het Portugese duo Margarida Garcia (contrabas) en Manuel Mota (gitaar) heeft zich vooral de voorbije tien jaar in de kijker gespeeld met een stilaan indrukwekkende reeks releases en concerten, waarvan heel wat met goed volk, zoals Ernesto Rodrigues, David Maranha, Chris Corsano, Thurston Moore, Rodrigo Amado en meer. Op het podium van Dropa Disc kozen de twee voor een aanpak die het publiek dwong tot hyperconcentratie. Van conventionele improvisaties, laat staan composities, viel niet veel te bespeuren, want de twee zochten het in hun set vooral bij eindeloos aangehouden klanken, die met strijkstok (Garcia), eBow/slide (Mota) en effecten leidden tot een schimmige wereld van fantoomklanken en fluitende resonanties. Misschien niet ideaal, zo in de namiddag met het gezellige geschuifel van een platenbeurs op de achtergrond, maar het duo belichtte een kant van de vrije muziek die binnen deze context op z’n plaats was.

Anna Högberg stond er met een uitgedunde versie van haar Attack sextet: pianiste Lisa Ullén, bassiste Elsa Bergman en drumster Anna Lund. Collega-rietblazers Malin Wättring en Elin Larsson waren dus afwezig en dat gold ook voor de knap gearrangeerde composities van het eerder dit jaar verschenen album. In plaats daarvan werd gekozen voor een coherente improsessie van een half uur, waarin de band zich ontpopte tot een solide formatie die het niet moest hebben van grote gebaren of onverwachte stilistische ingrepen, maar van evenwicht en soulvol samenspel. Daarbij viel vooral op dat de vier veel ruimte lieten voor elkaar, waardoor het kwartet zowel collectief als individueel een goede beurt maakte. Het duurde even voor de stukjes op hun plaats vielen, maar zodra dat gebeurd was, begreep je weer waarom die plaat zo goed werkte. Een hoop talent bij elkaar, houd de oren open de komende jaren.

Het was al even geleden dat we strafstudietrio Sheldon Siegel nog eens zagen, en deze keer deden ze het met oude bekenden Timo van Luijk (op, als we het goed hebben, klarinet, toetsen en iets dat van ver leek op iets tussen een monochord en een lapsteel (?)) en Kris Vanderstraeten. Ook hier werd snel duidelijk dat je geen doorsnee improvisatiechaos zou krijgen, maar een coherente muzikale vertelling die je niettemin een dwaalspoor op stuurde, en die in elkaar gestoken werd met een eindeloos arsenaal aan instrumenten, texturen en geluiden. De cello van Gino Coomans doet nog altijd dienst als excentrieke klankkast en in combinatie met de tribale verkenningen van Erik Heestermans, het eindeloze gefrutsel van doe-het-zelver Vanderstraeten, de klankschalen en markante blaasinstrumenten (een gele, plastieken trombone!) van Gerard Herman, en de gelaagde bijdrages van van Luijk, leidde het snel tot een even excentrieke als bezwerende combinatie van een onheilsdronken, brommende soundscape, een abstracte exploratie en een etno-trance.

En tenslotte Cactus Truck, onvermoeibaar als vanouds, met tenorsaxofonist John Dikeman als speerpunt, hysterisch gierend en brullend, met boventonen die keihard door de ruimte gierden. Maar Dikeman is ook een man die z’n (free-)jazzgeschiedenis kent, en net zo goed vloeiend de toonladder op en af rolt en dan minstens evenveel indruk maakt. Jasper Stadhouders wisselde als vanouds tussen gitaar en basgitaar en speelde gul én furieus met feedback, waarmee hij de al explosieve muziek nog een trapje hoger kon tillen. Intussen zat drummer Onno Govaert er schijnbaar onbewogen bij, maar deed hij ook veel meer dan zomaar razen. Een lang aangehouden, repetitief stuk was even een verademing in die woeste jungle van klanken, maar het leverde natuurlijk weer een aframmeling op, die afgerond werd met een rechtse directe van 10 seconden. Soms zou je willen dat ze ook eens hun softere kant zouden laten horen (nooit gedacht dat we dàt nog eens zouden schrijven), maar wat ze doen, doen ze natuurlijk met die kenmerkende bevlogenheid. En welk festival wil niet afsluiten met een staafje pure dynamiet?

De releases van Dropa Disc kunnen allemaal besteld worden via de nieuwe website van Sound In Motion, waar intussen ook al de volgende Oorstof-concerten terug te vinden zijn: op 6/10 komen Ken Vandermark en Terrie Ex. Daarna komen o.m. Tom Carter, Karkhana en het trio Haino/Dumoulin/Verbruggen langs.

E-mailadres Afdrukken