Brutus

13 april 2017, Vooruit Gent

Philippe Nuyts - 16 april 2017

Met een alles verwoestende pletwals van een concert bewees Brutus waarom het dé Belgische revelatie van het jaar is.

Want ach, waarom er teveel doekjes rond winden. Laten we liever gewoon een open doekje geven. Daadkracht en duidelijkheid, daar gaat het immers ook om bij Brutus. Al enkele jaren gestaag groeiend, in de luwte een granieten livereputatie opbouwend. Dat was zaaien, nu wordt er geoogst in de nasleep van een fantastisch debuutalbum dat de beloftes niet alleen inloste, maar meteen ook oversteeg. De Europese tournee van de afgelopen weken heeft de band duidelijk hoorbaar ook live doen groeien.

Dit is beuken, rammen, overbluffen en overdonderen, maar op zo’n fijnmazige, intelligente én gevoelige manier tegelijk, waardoor Brutus de metalniche cum laude overstijgt. Een liefdeshuwelijk tussen lawaai en melodie. Door op een ontzettend precieze manier van verschillende genrewalletjes te eten, trek je een al even intelligent, luisterend publiek zonder oorkleppen aan. In de Balzaal van de Vooruit bewees Brutus dat het daarmee ver kan komen.

Hardcore en death metal vechten robbertjes uit met shoegaze, postrock en zelfs somtijds dromerige gitaarriffs van prog. En dat altijd ten dienste van de songs, die nooit uit hun voegen barsten omdat de band teveel wil bewijzen. Bandleden Stefanie Mannaerts (drums en schurende vocals), Peter Mulders (bas) en Stijn Vanhoegaarden (gitaar) slagen erin hun verschillende invloeden (van death metal tot moderne funk) tot een verpletterend geheel te kneden waar enkel en alleen hun stempel op kleeft. Brutus is haast zelf een genre.

De set duurt amper vijftig minuten en voelt door dat alles nog korter aan. Openingsnummer “March” is net als op plaat een verwoestende beginselverklaring, die meteen alle troefkaarten op tafel gooit. Als een rit in een waanzinnige achtbaan waarin afwisselende tempo’s, ratelende drums en jakkerende gitaarriffs je meermaals over kop doen gaan. De strakke bas van Mulders zorgt voor de veiligheidsgordel zodat je niet uit het karretje dondert.

Fantastisch om zien ook hoe Mulders en Mannaerts de songs opruien als zijn ze stierenvechters. Maar al even fantastisch om horen hoe het drietal niet voor de makkelijkste weg kiest: rammen om te rammen. Soms mag het stof even gaan liggen, waarbij de muzikale pletwals dan plaats maakt voor muzikale spanning. “Justice De Julia II” en “Child” worden zo ook live hoogtepunten die zorgzaam opgebouwd voor complete ontlading zorgen. Net met die eigenheid zet Brutus zich zelfstandig op de kaart.

Ook in de keuze van de setlist maakt deze band zich er niet graag makkelijk van af. Geheide publieksfavorieten als “Not Caring” worden niet gespeeld, enkele oudere nummers van op de eerste ep’s als “Dancing On The Face Of A Panther” dan weer wel. Zo wordt dit geen set waarin het hele album afgehaspeld wordt. Al had dat gemogen. Kort maar krachtig allemaal goed en wel, maar Brutus kan zich ondertussen al wel een langere set veroorloven zonder dat het inzakt. Wie bijvoorbeeld “There’s A Light That Never Goes Out” zo eigenzinnig kan coveren als daags tevoren op StuBru, kan live nog wel enkele extra muzikale hokjes slopen. Dat is net het mooie: je hoort dat deze band op het huidige toppunt van hun kunnen nog heel wat groeimarge heeft in verschillende richtingen. Dit is nog maar het begin van het verhaal.

Op de terugweg naar huis raakte het nieuws bekend dat Amerika de moeder van alle bommen in Afghanistan had gedropt. Gent ondervond aan den lijve hoe dat moet voelen. Het muzikale equivalent heet Brutus en gaat de komende jaren nog vaak ontploffen. Doorbraak van het jaar.

Brutus speelt op 21/4 in de Reflektor in Luik, 22/4 in Café Café in Hasselt, 27/4 in Het Depot in Leuven, 6/5 in Rockerill in Charleroi en 19/5 in De Zwerver in Leffinge. Zorg ervoor dat u minstens een van die datums kunt aankruisen op uw kalender.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Brutus