Banner

Fornet + dirk.

22 februari 2018, AB Club

Lennert Hoedaert - foto's: Leon De Backer - 23 februari 2018

Dat loeihard gitaargeweld nog altijd springlevend is in ons landje wisten we al langer -- is het eigenlijk ooit weggeweest? Fornet en dirk., twee van de betere lawaaibands van België, bewezen in de AB Club (nogmaals) dat ze live heerlijk verschroeiend kunnen uithalen.

Terwijl Limbomania-winnaars Fornet meer knipogen naar het moeilijkere lawaai van The Fall en Sonic Youth, refereren Rock Rally-alumni dirk. (brons in 2016) aan Pavement, Fugazi en Weezer, of recentere bands als Car Seat Headrest en Cloud Nothings. Maar beide bands zijn veel meer dan klonen van deze groepe; onder de dikke lagen distortion en andere sonische stormen schuilen er ijzersterke nummers die een eigen geluid laten horen. De bewijzen: een vorig jaar verschenen EP van Fornet en het gloednieuwe debuut Album van dirk. waarmee de band meer dan terecht de viersterrenrecensies opstapelt.

Bij Fornet duurt het echter even voor we echt mee zijn. Zenuwen lijken deze nog altijd piepjonge band een beetje parten te spelen, de geluidsmix zit nog niet goed en bovendien zijn de openingsnummers geen ideale binnenkomers. De vlam in de pan komt er wél bij "Erase (I'm Alive)", waarin de groep vijf minuten lang tussen postpunk, kraut en noise scheurt. Het stemgeluid van Thibaud Clijsters doet soms denken aan de betreurde Mark E. Smith -- hij zou zich vereerd voelen met zo veel uitstekende bands die zijn erfenis eren.

Nadien volgen nog enkele nummers die bol staan van ophitsende zanglijnen, noise-explosies en vlammende riffs. In het laatste nummer van de set mag saxofonist Matthias De Craene (Nordmann) komen meespelen. Een geslaagd geluidsexperiment dat het optreden van de Limburgers met een knal laat eindigen -- misschien iets om een vervolg aan te geven in de studio? Toegegeven: er had misschien nog iets meer in gezeten, maar Fornet blijft wel een van de interessantste lawaairockbands van het land. Zéér benieuwd wat de toekomst brengt.

Als je Fornet 'tegendraads geweld' kan noemen, dan is bij dirk. de omschrijving 'catchy geweld' van toepassing. En ook live overtuigt dirk. van bij de eerste gitaaruitbarstingen en vocale uithalen van Jelle Denturck. "Waste" is, met andere woorden, meteen een schot in de roos. Met “Milk” -- een dijk van een nummer en Belgische rockklassieker in wording -- is het eerste meezingmoment een feit. Een song die tegelijk zo verschroeiend én supercatchy klinkt dat het een nieuwe, loeiharde single van Weezer zou kunnen zijn. Héérlijk.

Denturck slaagt er niet alleen in om met grappige bindteksten de nummers vakkundig aan elkaar te lijmen, hij toont ook zijn breekbare kant tijdens een cover van "The Hours" van Beach House. Die versie mondt uiteindelijk ook uit in een bom van een nummer -- het blijft tenslotte dirk. Vervolgens doet dirk. een goedgevulde concertclub op zijn grondvesten daveren met "Hide" en "Gnome". Hoeveel keer kan een mens het woord verschroeiend gebruiken? Véél, in het geval van dirk. Het publiek smult, geniet en brult lustig mee ("I only hate myself when I fuck things up/And I fuck things up all the time"). Rock als een bevrijdende ervaring: het kan, en "Fuckup" is het beste bewijs.

Tijdens een, euh, verschroeiende afsluiter duikt Denturck nog eens het publiek in en geeft hij helemaal uitgeschreeuwd zijn basgitaar aan een vrijwilliger in het publiek. En dan is het, een paar minuten later, pats gedaan met schreeuwen, headbangen en luchtgitaar spelen. Een toegift komt er niet, maar niet getreurd: dirk. heeft aan de (hoge) verwachtingen voldaan. Wat een band, wat een energie. En wat een glimlach bij iedereen.

E-mailadres Afdrukken