Banner

Deafheaven

25 september 2018, Trix

Bart Van Put - foto's: Stijn Verbruggen - 29 september 2018

Eerlijk? Héél eerlijk? We kwamen eigenlijk voor de voorprogramma’s. Maar we zijn toch tot het einde gebleven.

Ok, dat was misschien wat kort door de bocht, maar toch. De hipste metalband van het moment heeft met zijn controversiële crossover van black metal en post/indierock niet bepaald de puristen mee, maar live staan de Californiërs flink hun mannetje. Met de toch vrij matige nieuwe plaat Ordinary Corrupt Human Love in het achterhoofd, trokken we naar Trix met de hoop dat Deafheaven live weer beter zou klinken dan op plaat. En moest dat niet zijn, hadden we tenminste twee voorprogramma’s waar we ons wel mee zouden amuseren.

De grote zaal van Trix was nog net niet halfvol, toen het Limburgs-Antwerpse Sons Of A Wanted Man de boel mocht opengooien. Deze gasten uit Beringen draaien al een paar jaar goed mee in de lokale undergroundscene, en wisten met hun ingenieuze sludge en black metal zelfs al een paar buitenlandse tours te versieren. Een band met toch al wat kilometers op de teller, maar op het grote podium in het voorprogramma van een grote band is blijkbaar toch nog imponerend. Het begin van het optreden moest SOAWM duidelijk nog wat wennen aan de zaal, maar naarmate de show vorderde, groeide het vertrouwen zienderogen. Sons Of A Wanted Man heeft dan ook muzikaal meer dan genoeg in zijn mars om het publiek voor zich te winnen. Loodzware en loeiharde sludgeriffs, ingenieuze tempowisselingen met withete black metaluitschieters, gevoel voor melodie en een frontman met een strot als een wilde hyena: het zit allemaal snor. Sons Of A Wanted Man heeft hier vanavond een hoop nieuwe vriendjes gemaakt.

Wat ons betreft had Inter Arma deze avond ook mogen headlinen. Sinds hun doorbraakplaat Sky Burial uitkwam op Relapse, is dit vijftal uit Richmond een van de vaandeldragers van de experimentele, compromisloze stroom metalbands van de laatste jaren. Op zich is de mix van doom, sludge en black metal die de ruggengraat vormt van Inter Arma’s geluid niet ongewoon. Maar het is de experimenteerdrift met ongewone genres (prog, psychedelica en zelfs een streepje southern rock of country) en de ongewone, maar extreem sterke songstructuren en het speeltechnisch vernuft dat Inter Arma boven de massa doet uitstijgen. Alleen al een episch, tweedelig, Pink Floyd-aandoend nummer dat in een waanzinnig slot culmineert als openingsnummer van je set steken (“The Long Road Home”) getuigt van durf en eigenzinnigheid.

Ook de rest van het optreden spat de branie en het hoog spelniveau van het podium. Alleen zien we ook dat drummer T.J. Childers flink bezopen is, en dat dit naarmate de set vordert meer en meer begint op te vallen. Normaal gezien is Childers’ fantastische drumwerk een van de sterkhouders van Inter Arma, maar nu moet de rest van de band trekken en sleuren om het tempo erin te houden. Vooral in afsluiter “Primordial Wound” valt dit wel heel erg op, waardoor de show helaas op een valse noot eindigt. We hebben ze al beter gezien. Dat is een understatement.

Deafheaven controversieel noemen, is ook best een understatement. Het vijftal uit Californië zette de metalwereld op zijn achterpoten toen (in 2013 alweer) Sunbather verscheen. Een roze albumcover en een muzikale crossover tussen black metal en jaren ’90 geïnspireerde gitaarrock. Het leek bijna een gimmick om de soms erg puriteinse en conservatieve metalgoegemeente eens flink te jennen. Maar kijk, we zijn inmiddels vijf jaar verder, en die goegemeente blijkt Deafheaven toch min of meer geaccepteerd te hebben. Getuige hiervan een bonte mengeling van jonge hippe vogels, langharig tuig in gepatchete jeansvestjes en zowat alles daar tussenin. Leuk om zo’n bonte mix op een -- in essentie toch nog steeds -- black metalshow te zien.

Hoewel, waar we ten tijde van Sunbather nog makkelijk konden spreken van black metal met indierockinvloeden, moeten we na de release van de recentste plaat Ordinary Corrupt Human Love eerder (en wat kort door de bocht misschien) spreken van indierock met black metalinvloeden. Dat valt ook meteen op bij de eerste twee nummers van de set; allebei nieuw materiaal. Het is onmiskenbaar dat de vibe van Deafheaven veel meer “loosey goosey” is dan de wat verbeten sfeer van vroeger. Dat heeft te maken met een aantal dingen: de sound die duidelijk minder metal is dan vroeger, maar ook de bandleden zelf die duidelijk meer relaxt op het podium staan. Als je de Revolver-documentaire op YouTube zag, weet je waaraan het ligt: de band maakte een vrij stevig herbronningsparcours af, gitarist en creatieve spil Kerry McCoy kickte af van de drank en zanger George Clare rekende ook af met wat persoonlijke issues. En dat zie je heel duidelijk: de ganse band heeft er duidelijk erg veel zin in. Clarke’s hyperkinetische maniertjes doen je nog steeds met de ogen rollen, maar het is allemaal net iets spontaner, waardoor het toch wat draaglijker om zien wordt. Zelfs McCoy staat zich duidelijk flink te amuseren, waar hij vroeger als een professionele zoutpilaar in zijn hoekje stond te pruilen. Komt daarbij dat Deafheaven technisch ook duidelijk in goede vorm is: de nummers staan als een huis, iedeen is sterk op elkaar ingespeeld en het geluid is top. En ook, jongens toch, wat is die Daniel Tracy toch een weer-ga-loos goede drummer!

Maar het neemt niet weg dat de nummers van Ordinary Corrupt Human Love niet meteen de beste uit de bands catalogus zijn. Vijf van de acht nummers die worden gebracht komen uit het nieuwe album. En dat is hit or miss. “Honeycomb” en “Canary Yellow”, die het concert openen, staan nog hun mannetje. Het contrast met ouder werk als “Sunbather” en “Brought To The Water”, beiden veel spartaanser in de leer, is duidelijk, maar houdt de set best mooi in evenwicht. Ook “Glint” bouwt best goed op van een donderende climax, en heeft een sterk slot. Maar het zijn de mindere goden, zoals “Worthless Animal” (met een nogal stroperig pianootje) die de vaart er flink uithaalden. Gelukkig was er verschroeiend slotakkoord “Dream House” dat het optreden op een terechte climax afsloot.

Misschien moet Kerry McCoy eens met T.J. Childers van Inter Arma gaan babbelen. Stoppen met zuipen doet een band duidelijk deugd. Schol!

E-mailadres Afdrukken
Tags: Deafheaven